Home » Afrika » Kenia 2013

Kenia 2013

7 mei, Arusha | Tanzania - Nairobi | Kenia
 
Door een vriendelijke beambte krijg ik zonder te vragen een stempel op mijn Kenia visum. Kate en Sam hebben met een vriendelijke blik weten te regelen dat ze een goedkoper visum van 20 dollar konden krijgen. Ze vliegen beide morgen uit het land en een visum voor 50 dollar voor 90 dagen is een beetje overdreven. Van het verhaal dat als je Tanzania binnenkomt, daar een stempel krijgt en je dan Kenia ook in mag, daar hoor ik niets van. Blijkbaar is het voor bepaalde nationaliteiten. Vind het toch een raar verhaal. Het blijven twee verschillende landen met verschillende regels. Daarbij hebben ze niet voor niets een grens natuurlijk. Enfin, we mogen het land weer binnen, wel fijn als je er een vertrekkende vlucht vandaan hebt geboekt.
 
Het landschap verandert niet veel en is eigenlijk identiek aan het buurland Tanzania. Dezelfde begroeiing, dezelfde Masai mensen in hun lange rode lappen. Tientallen ezeltjes die langs de weg dribbelen, gewoon nog steeds Afrika.
 
Na 50 kilometer zie ik wel dat ik in een ander land ben. De huizen zijn luxer, er rijden duurdere auto's, de weg is af.  Dat is heel wat, aangezien we heel de weg van oost tot west en van zuid naar noord de wegwerkzaamheden van Tanzania hebben gezien. Dit keer geen achtbaan taferelen maar bescheiden hobbels en kuilen. De kerken zijn van steen en er valt zelfs wat architectuur in te herkennen. Scholen zijn keurig gestroomlijnd en geverfd. De stroomkabels hangen niet meer in houten palen maar zijn nu met drie verdelers op serieuze stalen Eiffeltorens in het landschap aanwezig. Het weer is opgeklaard en we hebben zon. Het uitzicht ziet er toch wat gastvrijer uit als je tot in de verte kan kijken en niet word gehinderd door een grijs gordijn aan hemelwater. De borden van winkels, kerken en scholen zijn terug in het Engels en niet in het Swahili. Alhoewel dat toch een taal is die ze hier ook spreken.
 
Er is professionele kassenbouw, er zijn fabrieken en groot opgezette
kippenboerderijen, (stom) die het uitzicht langs de weg
bepalen. In een klein stadje wat we aandoen bestaat de bebouwing opeens uit meerder lagen. De Savannah cement fabriek heeft als logo de karakteristieke paraplu acacia met Afrikaanse ondergaande zon.
We komen de voorsteden van Nairobi door. Tientallen mensen staan op de bus te wachten. Hier betekend dat kleine 12 persoonsbusjes. De route van de voorstad naar het centrum gaat in de file. Er is westers veel verkeer. Jammer dat ze hier nog geen APK hebben. De neus is al ontstoken en met het inhaleren van al die dieselwalmen, word het er vast niet beter op.
 
Na een anderhalf uur komen we bij een groot stadspark en zien we hoge gebouwen aan de rechterkant. Een echte stad. Op zijn Afrikaans dan. Dat betekend in mijn ogen: stoffig, een bij elkaar geraapt zootje maar met reclame en grote internationele bedrijven die doormiddel van billboards hun aanwezigheid laten weten. We rijden in een slakkegang langs het InterContinental hotel. Hier slapen we dus niet..
 
De zoektocht naar een slaapplaats in Nairobi was zo makkelijk nog niet. Ik ben inmiddels echt niet vies van een hostel, gedeelde kamer of ranzige douche. Maar als het om veiligheid gaat, ben ik een stuk alerter. De aangeboden jeugdhuizen en 1-sterren hotels zagen er in mijn ogen er nu niet echt 'plezierig' uit. Hoe gierig ik dan ook ben, een luxer hotel (met wifi en een zwembad) leek me toch het beste voor die aantal dagen. Kate en Sam hebben op aanraden ook mijn hotel geboekt en rond half twee komen we dan ook aan bij het Meridian Court Hotel.
 
Groene lappen aan de buitenzijde van het hotel verklappen dat er een grote renovatie aan de gang is. Maar dat wisten we al, aangezien ik bijzonder happig ben op de reviews van anderen. We moeten door een detectiepoortje en de tas word apart gescreend. De reserveringen kloppen en we mogen door naar de eerste etage. Mijn dubbele kamer is die naast Sam en Kate. De kamer beschikt over een supergroot bed met inmense klamboe die erboven hangt, een woonkamer met twee banken, een bureau, salontafel en een tv. De badkamer bevat een wastafel en grote douche. Het toilet is apart en in het midden van de hal (we zijn nog steeds in mijn kamer) is er een waterkoker met gratis koffie en thee. ..En dat allemaal voor mij alleen! Wow wat een luxe..  zeker na zo'n 'basic' campingtocht. Hyper loop ik naar de buren om te vragen of ze ook zo'n grote kamer hebben. Daar staat net een dame van het hotel wat uitleg te geven. Die moet vast hebben gedacht dat ik nog nooit in een hotel ben geweest..
 
Scoe, Vincent en David blijven hier niet slapen. Dit is het moment dat we afscheid van ze moeten nemen. Het voelt alsof het heel abrubt is. Zo reis je drie weken met elkaar en zo in zie je elkaar waarschijnlijk nooit meer. In de afgelopen jaren heb ik al van zo veel mensen afscheid genomen dat het me eigenlijk niets doet. 'Ja, het was leuk en ja, ze waren aardig.' Dat denken ze waarschijnlijk ook over ons maar over een aantal dagen vertrekken zij weer met een groep naar Oeganda om de gorilla's te gaan bekijken. (Daar had ik echt geen geld meer voor) Zoveel nieuwe mensen en indrukken die zij weer gaan opdoen. Ze zijn ons zo weer vergeten. Wij hun niet. Die drie zullen altijd bij het avontuur "Afrika" blijven horen.
 
We overhandigen nog een enveloppe met fooi en zwaaien ze dan gedag.
En nu.. als eerste.. een warme douche..
 
8 mei, Nairobi
 
Vroeg in de ochtend zit ik aan het ontbijt. Mijn tupperwear bakje (ik blijf een Hollander) zit in mijn tas om mijn lunch in de verbergen. Het ontbijt kost wel even $ 18,00 dollar en dat is best een schappelijke prijs voor ontbijt en lunch.. Een jongen staat bij de live-cooking-stand en ik laat graag een pannenkoekje voor me bakken. Al zijn ze nergens zo smakelijk zoals thuis. Sam en Kate komen rond een uur of half 10 en ze zijn klaar om te vertrekken. Kate vliegt aan het begin van de middag naar Dubai en gaat dan door naar Australie. Hier zal ze een aantal dagen bij een vriendin verblijven. Vanuit daar vliegt ze door naar haar Nieuw Zeeland. Sam vliegt pas in de avond maar wil zijn vriendinnetje natuurlijk tot het laatste moment zien.
 
Om half 11 staat de taxi voor hun klaar en een laatste omhelzing en groet word gegeven. Nu ben ik echt als laatste over en stiekem verheug ik me op mijn prive tijd. Eindelijk tijd om te schrijven, een fotostream te maken en wat research te doen op internet. Ook de tv laat ik dit keer niet ongemoeid. Ik heb de laatste tijd zo weinig meekregen over de wereld dat ik maar al te graag naar de herhalingen van Al-Jazeera kijk. Een reportage gaat over Somalie. Klinkt heel ver van het bed maar op dit moment is het wel het buurland. Ik moet ook af toe tegen mezelf zeggen dat ik in Nairobi ben, grappig soms om te beseffen dat je op zo'n andere plek op de planeet bent.
 
Op het dakterras is er een zwembad en aangezien ik niet voor niets een hotel met zwembad heb geboekt, maak ik er gebruik van ook. Het water is ijskoud en het weer in Nairobi is niet superheet. Na wat baantjes getrokken te hebben, laat ik mezelf opdrogen en ga ongelofelijk lui naar mijn kamer om op het filmnet Hollywoodfilms te kijken. Mijn lunch uit de rode tupperwear word opgeknabbeld en in de avond maak ik dan eindelijk de noodlesoup op die ik al vanaf Kaapstad met me mee zeul. Ik kom mijn kamer niet meer uit, afgezien om wat handwasjes op mijn balkon op te hangen.
 
Ik ben doodmoe van alle indrukken van de afgelopen dagen en kan rond acht uur mijn ogen al niet meer openhouden.
 
9 mei, Nairobi
 
De straten in Nairobi zijn vol en vervuild. Kleine en grote winkeltjes prijken naast elkaar en de eigenaren zitten er liever voor dan in. Er zijn wat koffiezaken maar die laat ik dit keer voor wat het is. Sam en Kate waren niet echt te spreken over de kwaliteit en ik geloof ze op hun woord. Het verkeer in de stad is inmens en het is bijna suicidal om de weg over te steken.De mieren in de Serengeti hadden een betere doorstrooming dan hier. Welvaart komt met een prijskaartje; de smog hangt in de lucht.
 
Afgezien van de nodige waarschuwingen over deze stad vind ik het alles behalve onveilig aanvoelen. Op de hotelkamerdeur staat een vriendelijk doch dringend verzoek om niet na 18.00 uur in de avond op straat te gaan, geen tassen, sieraden of dure telefoons bij je te dragen. Daar houden we dan ook maar rekening mee.
 
Om 10 uur in de ochtend ben ik al uitgecheckt en heb mijn bagage afgegeven aan de bijzonder vriendelijke receptionist. Met mijn schrijfgerei verplaats ik me in de middag naar het zwembad om de laatste Afrikaanse zonnestralen te absorberen. Dat het hotel met een rigoreuze renovatie bezig is, betekend dat bepaalde vergaderzalen niet te gebruiken zijn. Het overdekte gedeelte bij het zwembad word dan ook gebruikt om gasten voor een bepaalde bijeenkomst te ontvangen. Ik hou me dan ook maar braaf aan de etiquette en hou al mijn kleding aan en zoek een plekje bij een parasol. Er word niet gezwommen vandaag..
 
Rond zes uur is het tijd voor het galgenmaaltje op Afrikaans continent. De serveerster is heel vriendelijk doch lichtelijk ongemanierd. "Als ik nog een keer terug kom moet ik maar een kado uit Nederland meenemen.' Mijn speciaal gekochte reishorloge (Kruidvat € 1,49) heeft het prima gedaan deze reis. Het zwarte exemplaar heb ik aan Syma gegeven toen onze wegen ons scheidde. Het witte exemplaar, nog om mijn pols, heeft gaan toegevoegde waarde thuis. Genoeg horloges en deze zal ik echt niet meer dragen. Ik kijk naar de polsen van de serveerster en zie geen klokje. 'Welke serveerster heeft nu geen horloge..?' Ik doe de mijne af en zeg tegen haar dat het tijd word dat ze een horloge krijgt." Kind super blij. Ik blij.
 
Om half 8 staat mijn taxichauffeur, een half uur te vroeg, al op me te wachten. Ik vlieg pas midden in de nacht maar misschien is er meer op het vliegveld te beleven dan hier. De chauffeur zit vol verhalen en uiteraard spreekt hij de universel taal van het voetballen. 'Ja, van Persie... jaja en Arjen Robben..' Ik, totaal geen notie van voetbal, ben toch blij dat ik wat namen ken om het gesprek op gang te houden.
 
Na een uur door het botsauto-verkeer van de stad te hebben gereden, komen we aan op het vliegveld. Pas rond middernacht kan ik inchecken en ik ben zooo moe.
 
10 mei, Nairobi | Kenia - Istanboel | Turkije - Amsterdam
 
Weer keurig ingecheckt stap ik een paar uur later in een bijna lege maar nieuw vliegtuig van Turkish Airlines. Drie stoelen voor mij alleen: wat zullen we lekker slapen.
Een overstap op Istanboel naar Amsterdam vertrekt iets verlaat. Ik moest het vliegtuig wel uit maar uiteindelijk stap ik in hetzelfde vliegtuig waar ik mee gekomen ben. Er is snel een bezem en een doekje langs de paden en stoelen gehaald en we zijn weer klaar voor vertrek.
 
Rond twee uur in de middag kom ik weer braaf terug op Hollands grondgebied. Ik mis het ongestructureerde, de andere koetjes. Niet die met hormonen volgestopte turbo-Lakenvelders die hier voor een keertje buiten mogen komen. Alles gedomesticeerd, geregeld, gepland..
 

 
Epiloog
 
Afrika was dus nooit 'echt mijn ding'. Maar als geen ander begrijp ik nu het enthousiasme waar mensen mee terugkeren als
ze dit werelddeel hebben gezien. 'Wat een wereld..' Het is echt een wereld in een wereld. Bijna niet te beschrijven. Wat hebben we onszelf een tekort gedaan om ons in het land onder de zeespiegel te vestigen. Alhoewel Afrika 'bekend' staat als continent met gevaren en geen eten; ik kan het tegendeel beweren. Mensen leven daar gewoon heel anders, misschien wel beter dan wij doen. De prioriteiten liggen ergens anders en soms heb ik ze beneden om hun vrijheid en het gebrek aan commerciele artikelen.
 
Afrika kan je alleen begrijpen als je er geweest bent. Sommige mensen hebben er een voorliefde voor en dat snap ik nu. Onuitwisbare indrukken, vooral door de diertjes zullen in mijn hoofd blijven. Al is Nieuw Zeeland een favoriet, de Okavango delta, Chobe NP in Botswana, de kalme wateren van Lake Malawi en de Serengeti / Ngorongoro krater waren ook absolute hoogtepunten.
 
ShapShap & Nomad hebben mijn trip tot een onvergetelijke gemaakt en ik ben nu getriggerd om nog meer te zien.. Gardenroute... Mozambique.... Madagascar.. Ethiopië..