Home » Azië » Vietnam 2011

Vietnam 2011

Floating Market, Can Tho (Mekong Delta)

Melbourne - Kuala Lumpur - Ho Chi Minh City, 11 september

Vannacht natuurlijk belabberd geslapen met een hernia als langs denderende nachtmerrie. Op 4 metalen stoelen slapen is niet voor iedereen weggelegd. Maar als je net zo'n zunige Zeeuw ben als ik, besteed je de 50 dollar voor bus en hostel in de stad, liever aan leuke dingen. Daarbij zou ik in een hostel ook de halve nacht wakker liggen over het feit dat ik bang ben dat ik me verslaap. Moet je ook weer om 5 uur uit je bed om om kwart voor 6 de bus te hebben. Het leek mij dus de beste oplossing om maar op Tullamarine luchthaven te blijven. Met mijn kleine rugzak en vliegtuig-nek-kussen (heb geen idee hoe je die die dingen noemt) als hoofdbed en mijn slaapzak over mijn lichaam gedrapeerd werd ik toch pas rond een uur of 6 uur.
Verder is het veel zitten vandaag. Wachtend op de vlucht naar Maleisië. Zittend in het vliegtuig. Ik hoop dat Air Asia fimpjes heeft. Helaas dat hebben ze niet. Dat wordt dus 8 uur lang mezelf bezig houden met andere dingen. Vooral slapen blijkt. Bij aankomst in Maleisië blijkt dat ik langs immigratie moet voordat ik mezelf kan inchecken voor mijn andere internationale vlucht. De rij blijkt gelukkig niet zo lang.. Maar 13 rijen van ieder 100 meter. Sucks. Een kind loopt het gehele anderhalf uur dat ik in de rij sta te transpireren, te blèren. Werkt aardig op mijn zenuwen. Zeker als ik hem loop te knijpen als ik denk dat ik mijn vlucht ga missen. Eindelijk door de douane. Op zoek naar mijn tas. 4 bagage banden verder race ik achter mijn trolley naar de incheck kiosk van Air Asia. Werkt niet. Naar de balie, werkt ook niet, de dame is teveel bezig met haar mobiele telefoon. Doorverwezen. Eerst door de bagage controle. En dan eindelijk kan ik inchecken. Op tijd. Gelukkig. Aangekomen in Vietnam langs de visa counter. Ik sta er als een van de eerste maar ga er als èèn van de laatste weg. Ik heb mijn visa autorisatie in maart via een internet bedrijfje online aangevraagd. Zou dat wel goed zijn geweest?Ik had alles voorradig; ingevuld papier, Amerikaanse dollars, pasfoto, de hele mikmak. Ook daar blijkt geduld een schone zaak. Ik krijg mijn sticker visa in mijn inmiddels aardig gevulde paspoort. Ik gooi mijn verzwaarde rugzak over mijn schouder, loop mijn eerste schreden op Vietnamees grondgebied en daar staat.... mijn mama!

Ho Chi Minh City, 12 september

Mijn moeder heeft een paar weken geleden besloten zich even bij mijn reisavonturen te voegen. Zoals meerdere trips die we samen maken, treffen we elkaar op de plaats waar het begint. Nagenoeg vertrekken we nooit samen. Ze zal tot begin oktober met me meereizen door Vietnam. Aankomend in ons hotel, worden met een dikke knuffel en 3 Hollandse zoenen welkom geheten door Christiaan. Een jongen die ik ken, die hier tijdelijk woont voor zijn werk. Voor beider was het een flink aantal uren reizen, dus niets beters dan een koel biertje. En waar dit beter te drinken dan op het luxe dakterras van sterren hotel Rex?(Hier werden aan het einde van de Vietnam oorlog de laatste Amerikanen van het dak gehaald.) Christiaan kent inmiddels de plekjes van de stad en heeft ons op de wenken bediend qua accommodatie, nachtelijk zicht over de stad, live band en verfrissende alcoholische versnapering.
In de ochtend, beide geslapen als een blok, laten we ons verzorgen met een Frans ontbijt. Afgezien van het feit, dat de Fransen kolonisatie geen betere welvaart of onderwijs voor het volk heeft gebracht, is de overgenomen eetgewoonte van in de ochtend stokbrood met brie eten, een culturele genoegdoening. Voor de middag lunch bevinden we ons op de 23ste etage van de wederom, super sjieke Shri Lounge in het Centec gebouw. Als een volleerde circus zeehond, klap ik mijn handjes als we de luxe ingerichte lounge met uitgebreide bar binnenlopen. De banken zijn rood en aubergine gekleurd, verse bloemen staan op tafel. Zilveren decoratiepotten met geplante boompjes staan tussen de zitjes. Rotan terras stoelen staan voor en achter de grote glazen wand die een boven uitzicht biedt op de gigantische stad. Ja, met zo'n hippe inrichting maak je me altijd wel blij. Een westerse lunch wordt voorgeschoteld voordat de eerste moesson over komt gewaaid.
Mams en ik besluiten later om de stad te gaan herkennen. We maken een wandeling langs de Vietnamese Notre Dame Cathedraal (Nha Tho Duc Ba, anno 1880) met een beeld van de heilige maagd Maria tussen alle Vietnamese kooplieden. Het naast gelegen bekende postkantoor (Buu Dien Trung, anno 1886, getekend door de heer Eiffel). De overdekte 'Ben Thanh' markt, waar ik glimmende en glanzende nieuwe slippertjes heb gekocht. Het schitterende Municipal theater, anno 1899 voor de destijds Franse Jetset. Het Van Hoa park, de People's Committee building (vroeger hotel de Ville) en dé über toeristische straat Dong Koi en De Tham. Waar we bij de laatste, na enkele uren rond te hebben gedoold, gebruik maken voor een frips Saigon biertje.

Ho Chi Minh City, 13 september

Laat in de ochtend komen we tot leven. Gisteravond zijn we met z'n drieën in De Tham straat nog een paar biertjes gaan drinken. Ik heb mijn 'huiswerk' voor mijn site afgemaakt terwijl moeders nog lekker ligt te ronken. Christiaan belt en nodigt ons uit voor een lunch. Ok!
Binnen no time staan we met een handje in de lucht te wuiven om een taxi te stoppen. We worden in alle drukte weer veilig afgezet bij een luxe hotel. Op de 26ste etage van het Golden Central Hotel Saigon kiezen we voor Vietnamese gerechten en kletsen tot een uur of 3. Daarna bepalen moeders en ik onze koers hoe te reizen en wat te zien in het land en gaan voor een laatste culture middag de stad in. In district 3 ligt de Jade Emperor Pagode, 1 van de uniekste Boeddhistische tempels in de stad. Hier wordt Ngoc Huang oftewel de jade keizer, god van alle hemels, vereerd. De schoentjes laten we in sommige ruimtes netjes voor de drempel staan. Groenten en fruit met typisch ruikende wierook stokjes vullen de offerbakjes. In de binnentuin van de tempel barsten de 2 vijvers bijna uit hun voegen van de vissen en de schildpadden. Honderden schildpadden. Sommige kleiner dan een pink en andere groter dan een hoofdkussen. Hopen dat ze daadwerkelijk doen waarvoor ze daar zijn uit gezet: het brengen van geluk en voorspoed.
In de avond pakken we de taxi wederom naar district 3 om daar bij een luxe uitvoering van een straattentje een hapje te eten. Rond de tafel loopt een naakte hond. Het lijkt met zijn zwarte kleur of hij aan het spit heeft gehangen maar hij wordt liefdevol door zijn baasjes verzorgd, dat zal dus wel niet het geval zijn geweest. We sluiten de avond af met een afzakkertje in een barren district. We stappen uit bij ècht een hele trendy bar. Een onderdeel van het Park Hyatt. Daar gaan we dus niet naar binnen...

Ho Chi Minh City - Mekong Delta, 14 september

In de vroege ochtend vertrekken we met de bus richting de Mekong Delta. Het zuidelijkste district van Vietnam waar honderden kanaaltjes met elkaar in verbinding staan. We hebben een korte pauze bij een fabriekje/sociale werkplaats waar ze potten, schalen en schilderijen maken. Met ingelegde eierschaaltjes creëren ze kleine kunstwerkjes. In de stad My Tho klimmen we aan boord van een boot en tuffen de bruine Mekong over. We zitten aan het eind van het regen seizoen en al het extra water zorgt voor de ondoorzichtige kleur. Onze eerste stop is bij een kokossnoep werkplaats. We zien de werk methode van kokosnoot koken tot snijden en verpakken. De Vietnamezen zijn een ijverige volkje en hebben heel goed in de gaten hoe ze een stukje marketing kunnen toevoegen aan hun proces. Bij het verkooppunt hebben ze allerlei verschillende soorten kokossnoep (erg lekker trouwens) en verkopen ze slangen whisky. Tijd voor wat beweging na 3 uur in de bus en de 45 minuten op de boot. Een aantal fietsen staan klaar (enkele zonder remmen) waar je gebruik van kan maken. Moeders en ik dus even op de fiets langs een typisch Vietnamees dorpje. We worden beloond met een lunch. Naast me staat een stinkende gebakken Olifant-vis. Ik sta er nog van versteld dat er nog vis gevangen wordt in het smerige water. De dag zit vol me excusies, toeristenstops en verkoop muizenvallen. Zo worden we door kleine Sampan bootjes opgehaald (met typisch rieten punthoedje) om via smalle zij-kanaaltjes richting een zang en muziek optreden te gaan. 3 dames doen om de beurt hun kunstje en 2 mannen plingelen op de achtergrond er lustig op los. We krijgen thee en vers fruit. Door naar de volgende leerschool; een bijen kwekerij. Daar weer thee met honing en een schaaltje vol met gember snoepjes en pindarotsjes. Voor vertrek worden alle te verkopen exemplaren nog even op tafel gelegd om een munt te slaan uit de naieve toerist. De rit gaat verder naar onze rustplek voor de nacht, Can Tho. In Can Tho zitten alle verkooplieden, vooral vrouwen, weer op de stoep hun groenten, vruchten en visjes te verkopen. De vissen worden met af en toe een plensje water in leven gehouden, terwijl de grote padden (levend) klaar liggen om te fungeren als kikkerbil of gefrituurde pootjes (gatver). We lopen verder om aan de rivier een restaurant met terras op te snorren. Aan terrasjes geen gebrek in dit land. De Fransen hebben dit aardig weten te cultuveren in dit land. Langs de weg tientallen terrasjes met simpele plastic stoeltjes, camping zitters en hangmatten met tafeltjes gezien. Enfin, we vinden een terras aan de Mekong, eten een hapje, drinken een biertje en hebben zicht op de 'beste' manier van debrasseren die ik ooit heb gezien. Etensresten, bodempjes drinken en houten stokjes worden gewoon over de railing gegooid, zo de rivier in... Waarom moeilijk doen als het makkelijk kan?

Mekong Delta - Ho Chi Minh City, 15 september

We hebben ons vergist in de tijd en vinden dus de hond in de pot. Geen ontbijt. Zodra we ons bij de groep hebben gevoegd, (om 5 voor 7 in de ochtend..) gaan we richting de 'floating market' in Cai Rang. Ook wij zitten op een boot en hebben zo mooi uitzicht over de boten die van alles verkopen. Van groenten tot fruit, van catering tot loterijkaartjes. Allerlei boten bevaren de rivier. Grote boten die grond uit de delta halen en naar het vaste land vervoeren, om er vervolgens cement van te maken. Kleine water taxi's en smalle houten Sampan bootjes. Die worden voortbewogen door een oude brommer motor met een extra lange metalen stok waar de propellor aan zit of met 2 kruislingse pedels. Het dagelijkse leven in de Mekong. We duiken weer een klein kanaaltje in en leggen aan bij een noodel makerij. De kippen schijten op de rijst die klaar ligt om te gebruiken maar wat niet weet wat niet deert zullen we maar zeggen. We gaan verder naar een fruit plantage en lopen vol verwondering rond hoe groot de 'durian' hier is. Plukken is niet toegestaan van al het tropische fruit wat aan de bomen hangt. Maar aan commercieel inzicht hier ook geen gebrek. De gids leidt ons netjes naar het restaurant waar de vruchten tegen betaling afgenomen kunnen worden. Moeders en ik zijn het er beide overeens dat dit veel te toeristisch voor ons is. De volgende keer geen geplande tour. We dokteren alles zelf wel uit. We stappen terug in de boot en gaan terug naar het hotel. Weer een paar uur in de bus terug naar HCMC. Na het inchecken bij Miss Loi, even een tukkie en dan door naar Zen, een vegetarisch restaurant.

Ho Chi Minh City - Mui Ne, 16 september

Om 07.30 uur staan we al te wachten op onze bus die ons naar Mui Ne brengt. Mui Ne, bekend om het strand en de zandduinen, betekend voor ons een dagje strand. We nemen plaats in de bus die meer doet denken aan een gipsvlucht, dan aan een gewone bus. Met maar iets van 20 plaatsen heeft iedereen zijn 1ste klas 'bedje' die in verschillende standen gezet kan worden. Voor de actieveling die altijd naar buiten wil kijken, is er de stand rechtop. Voor degene die in de bus altijd in slaap wordt gewiegd, een bijna volledige horizontale stand. Ons hoor je niet klagen. Na 2 uur zie ik eindelijk groen. Niet van het rijgedrag van de chaffeur en de hobbels in de weg maar van bergen, bossen en bomen. We zijn eindelijk uit de bebouwde kom. Rond een uur of 1 komen we aan op de strip van Mei Nu. Grote resorts staan met hun gemanicuurde tuinen en glanzende poorten te stralen in de zon. Voordat we uit kunnen stappen doet de gids zijn verhaaltje. Wat er in slecht verstaanbaar Engels op neer komt, dat we zijn aangeboden hotel moeten boeken. Andere hotels die worden aangedragen zijn te ver voor de bus die ons morgen ook weer moet ophalen. De bus uitgestapt zijn we als honing voor de bijen. Een dozijn aan mannen staat klaar om je achterop hun brommertje naar een hotel te brengen. Nog niets geboekt? Geen probleem. Ze hebben het hele visitekaartjes arsenaal zo uit hun binnenzak getoverd. We besluiten zelf op zoek te gaan en vinden een kleinschalig resortje. We zitten niet rechtstreeks aan het strand maar betalen dan ook maar 8 dollar. En dat is inclusief airco, want het water gutst zonder iets te doen van onze ruggen af. We maken een wandeling langs het strand. Althans, strand.. Het is vloed en er is bijna geen strand. Er is veel erosie en dat zorgt er bij sommige strandtenten voor dat er al het èèn en ander is weggeslagen. De sport die hier actief beoefend wordt is kite surfen. Super gaaf natuurlijk. Maar voor ons is het alleen even kijken en niet deelnemen. Als de wolken pasteltinten krijgen van de ondergaande zon, hangen we bij het super hippe en luxe Sankara op èèn van de witte lounge banken. Wat een heerlijk maal voor het oog! De inrichting is helemaal St. tropez annex Ibiza stijl. Taupe kleuren, chaise lounges, rotan banken, privé katoenen tenten, binnen en buitenbar, sjiek zwembad, yippie! Niet echt wat ik had verwacht aan het strand van Vietnam. Ergens had ik misschien wel gehoopt dat dit land een achtergebleven gebied was met heel veel cultuur en oude rieten,- en houten huisjes. Maar dat is het zeker niet. De economie is booming. In tegenstelling tot mijn andere bezochte Aziatische land, Indonesië, werken de mensen hier super hard. Als er geasfalteerd moet worden, staat iedereen met een schep in zijn handen nuttige dingen te doen. Niet zoals eerder geconstateerd, er gebruik van makend als een ondersteuning. Maar als ze toch zo hun best doen om het toerisme tot een nationaal bruto product te maken, kunnen we er maar beter gebruik van maken en... ervan genieten!

Mui Ne - Da Lat, 17 september

De airco lekt om mijn linkervoet. Maar laat me niet eerder mijn bed uitkomen dan de ingevoerde 6 uur op mijn wekker. Echt, wie verzint zoiets?! De 6 uur uit je bed dan, niet het lekken van de airco. De bus pikt ons namelijk op om half zeven. Tot onze niet te beschrijven teleurstelling, geen 1ste klas-lig-bus maar een ordinair minibusje. Dat hadden we niet afgesproken. Moeders heeft er meer moeite mee dan ik, denk ik. Ik ben nog steeds onder de indruk van de 29 euro die ons van zuid naar noord Vietnam brengt. Mij hoor je niet klagen. Niet over de prijs althans maar wel over de rijschool waar onze chauffeur zijn rijbewijs heeft gehaald. Steekpenningen moeten hier in het spel zijn geweest. Ik heb nog nooit bij zo'n slechte rijder in de auto gezeten. Voor iedereen die op de weg voor hem zat, werd getoeterd. Ik denk dat ik tijdens de rit vaker de toeter heb gehoord, dan al het verkeer op 1 dag in New York kan produceren. Soms werd er ingehaald als er een vrachtwagen als tegenligger aankwam. En dan ook niet terug gaan rijden op zijn eigen weghelft... Na een tijdje is je ogen sluiten het beste. Dan overlijd je iniedergeval niet aan een hartaanval. We komen (levend) aan in Da Lat. Meestal zeg ik dank je wel tegen degene die me ergens heeft gebracht. Nou, die mocht die op zijn buik schrijven.
Na 2 uurtjes acclimatiseren in een veel frisser Da Lat, gaan we voor een wandeling. We bezoeken het 'Nga's crazy house'. Wat doet denken aan een surrealistisch ontwerp van de hand van meester Gaudi. Lopen langs de Dalat kathedraal. Wat in mijn ogen helemaal geen kathedraal is en ik er dan ook aan voorbij liep. We maken een tochtje over de boomtoppen met de kabelbaan en pesten vanuit ons gondeltje de onder lopende honden met wat geblaf en katten gejank. Lopen daarna de 4 km weer terug de stad in, om bij het strijklicht nog even de romantische zwaan gevormde waterfietsen te fotograferen. Als we de dam van het Xuan Huong meer oversteken, is het tijd voor een break na zeker 9km te hebben gelopen. We drinken een colaatje (a cola a day, keeps the diarrhea away) in een zwerm met muggen op een terrasje. De ober heeft een speciaal tennisracket met stroom. Het lijkt dus of hij in het wilde weg aan het slaan is, met inderdaad af en toe sneuvelend mastiek van de tafel. Maar met knisperende vonkjes weet hij met èèn backhand toch al 5 muggen neer te sabelen. (Ik wil niet weten wat ze hier met klagende gasten doen.)

Da Lat - Nha Trang, 18 september

Een ochtendwandeling naar de zondagmarkt en het meer. Ik ben op zoek naar een horloge, want gehandicapt zonder. Zeker als je elke keer een bus hebt om te halen. Maar alle gespotte 22.000 stuks, voldoen niet aan de wensen. We gaan naar de overdekte markt waar moeders nog even een sjaal koopt voor een vriendin. De Vietnamezen lopen vandaag alleen in lange broek en winterjas. Het is ook maar iets van 24 graden denk ik, heerlijk! Ik loop in een korte spijkerbroek en af en toe zie ik hun ogen richting mijn benen gaan. Nu weet ik niet of het is omdat zij het koud hebben en ik warm, ze het amusant vinden dat ik geen enkels meer heb door het vocht wat ik vast houd, of dat ze mijn huidskleur raar vinden. Ik pas me graag aan (in het buitenland) en bind mijn multifunctie sjaal dan ook maar als sarong om me heen. We gaan richting het meer waar we in een zaak met terras een koffie gaan gebruiken. Standaard krijg je hier bij alles wat je gebruikt in een café of restaurant, thee geserveerd. De thee is altijd warm, niet heet en heeft een zachte smaak. Zoals het brood in Frankrijk en het water in de US wordt deze keurig bijgevuld als het op is.
Ik moet mezelf weer herinneren waar ik ben. De uitzichten die we tot nu toe hebben gehad hebben niet echt iets authentiek Vietnamees. De Franse invloeden qua architectuur zijn erg aanwezig en laat je niet snel denken dat je in Azië bent. Het land is communistisch maar het enige wat ik ervan denk, is kapitalistisch. Mensen werk er hard voor, begrijp me goed maar tot nu toe mis ik het zicht op de oude cultuur die ze hebben/hadden.
We rijden met de bus naar Nha Trang. De gipsvlucht bus heeft maar 4 passagiers te vervoeren. De chauffeur weet elke bocht in de weg en scheurt dan ook berg op, berg af. Hoog in de bergen (niet voor mensen met hoogtevrees) heb je over een smalle richel zicht op de uitgestrekte diepte in de vallei. De zon raakt niet overal het groen in de bergen en zorgt daardoor voor een schilderachtige blik in de verte. Watervallen in het wild denderen van de rotsen. Een weghelft is door de erosie weggeslagen. Op het vlakke land, is er geen rust (zon)dag voor de boeren. Ze gebruiken delen van de (snel)weg als werkterrein om hun tarwe op uit te harken en te laten drogen. Kleine brandjes in de ge-oogsten graanvelden zorgen voor witte rookpluimen. We komen aan in de stedelijke bouw van de stad. Grote nieuwbouw hotels staan aan het water. Het strand ligt vol met zondags mensen die wel vrij zijn. We drinken een biertje aan de boulevard met zicht op strand en zee. Een marskramer komt 5 keer voorbij om sigaretten (noop, nog steeds niet), snoep, chips en ansichtkaarten te verkopen. Als je niets nodig zegt te hebben, verandert het gezicht van de verkoopster in zielig en zegt ze dat ze het geld nodig heeft. Niet onder de indruk van haar acteertalent, verwijzen we haar door naar de buren, die waarschijnlijk wel iets nodig hebben.

Nha Trang, 19 september

Intense hitte, dat is het vandaag. Ik denk dat het ver bovenin de 30 graden is en daar ben ik niet echt voor gemaakt. Met om half 10 inmiddels een tweede anderhalve liter fles onder mijn arm, gaan we richting de Long Son Pagode. Bekent om haar gigantische spierwitte boeddha. We worden hier vergezeld door een jonge jongen van 19. Hij is hier als 1-jarige naar toe gebracht en is opgevoed door de monniken. Hij verteld ons, dat hij in de ochtend hier vrijwilligerswerk doet, mensen rondleid en verteld over de pagode, hoe de monniken te werk gaan, hoe er wordt omgegaan met rouw en welke kleuren en cijfers belangrijk zijn. Hij stelt ons voor aan een oude monnik waarvan mams en ik een houten kralen meditatie armbandje krijgen. Ben ik super trots op dat ik dat van een monnik krijg! Een aantal van mijn richtlijnen in het leven zijn namelijk volgens de Boeddhistische levenswijze.
Als mams en ik het er overeen zijn, dat we hem wel wat geld moeten geven, is hij ons voor en wil hij 10 dollar voor zijn 10 lelijke ansichtkaarten hebben (en voor de uitleg). 10 dollar!? Daar kunnen ze hier een halve maand van leven! Ik ben zó teleurgesteld. Ik geloofde oprecht alles wat hij zei. Mijn vertrouwen in de goedheid van deze mensen is naar het nulpunt gedaald. Het speelt de rest van de dag in mijn hoofd. Nu weet ik dus niet of hij gewoon een ordinaire verkoper was of dat er daadwerkelijk waarheden in zijn verhaal zaten. Echt zó teleurgesteld..
We gaan verder en lopen langs de Nha Trang kathedraal (lelijk) op weg naar de Po Nagar Cham Torens. De Cham, een van de belangrijkste Boeddhistische vereeringsplek in Vietnam heeft helaas nog maar 4 van de 8 torens. Maar de plek is echt super mooi! Boven op de berg waait een verkoelende zeebries. Overal zijn planten en bloemen. De torens zijn voor een deel gerestaureerd en het ziet eruit of dat heel liefdevol is gedaan. Een plaats van serene rust kunnen we wel stellen.
Ik laat niet snel over me heen lopen maar vandaag maak ik een uitzondering. We hebben nog wat tijd te doden tussen ons bezoek aan de torens en voordat we onze bus van 6 uur naar Hoi An moeten hebben. En besluiten dan ook gebruik te maken van een Vietnamese massage. Het lieve schattige meisje die ik krijg toegewezen bewerkt mijn rug met haar knieën! Mijn linker schouderblad die ik heb verminkt met de banden van mijn tassen en lijkt of het bewerkt is met een zweep, wordt gelukkig ontzien. Mijn schedel, gezicht, kleine teentjes en zelfs mijn vingers ontkomen niet aan het gekunsel voor een goede doorstroming. Al is ze lief en schattig, met haar 1 meter 50 en haar waarschijnlijk 45 kilo zit er heel wat kracht in het kleine massage meisje.

Hoi An (Unesco), 20 september

Met de nachtbus zijn we gisteren uit Nha Trang vertrokken. Om 8 uur in de morgen worden we bij een hotel afgedropt waar we 'weer' werden opgewacht door een horde sjacheraars. De onderhandelingen over kamer prijzen konden weer beginnen. Verzekerd dat je hier overal een 2-persoonskamer voor 8 dollar kan krijgen, doe ik het niet meer voor meer. Al moet ik een km met die loodzware rugzak door de hitte heen lopen, meer wil ik gewoon niet betalen. Uiteindelijk krijg ik mijn zin en hebben we een hotel met zwembad... (hahaha) We zitten op een steenworp afstand van de oude stad, Hoi An old Quarter. En dit is nu precies wat moeders en ik zochten qua geschiedenis, cultuur en architectuur! De straten worden gesierd met winkeltjes vol kleding (zulke mooie jurken gezien..) en zaakjes vol met handgemaakte attributen. We steken het oude (anno 1593) Japanse bruggetje over, naar het Chineese gedeelte van de stad. We nemen een kijkje bij het huis van Tan Ky uit de 17de eeuw en zijn gefascineerd door de gecombineerde bouw van Aziatische en Europese (Franse) architectuur. Het is weer bloedheet vandaag en de enige manier om een beetje af te koelen is met een drankje aan het water te zitten. We gaan naar de overkant van de Thu Bon rivier waar zeker net zulke leuke tentjes zitten maar die 3 keer zo goedkoop zijn. Een kleine kitten komt bij me op schoot liggen. Meestal ben ik niet zo gediend van de vlooienbaaltjes in het buitenland maar hoe onschuldig is deze dan? We drinken 2 Saigon biertjes, die prima te drinken zijn, voordat we de plaatselijke ondernemers weer teleur moeten stellen. Nee, we willen niet niet mee op een boot. Nee, we willen de winkel niet in. Nee, we willen geen fruit om je manden lichter te maken. Nee we willen je niet op de foto hebben en je daarvoor ook nog een keer betalen. Nee, we willen geen ritje in je bakfiets. Nee, we willen hier niet eten. Nee, nee, nee, laat me met rust! Die sales en marketing trainingen zijn niet tegen dove mans oren verteld en de mensen maken me hoorndol met hun vragen. Maar afgezien van dat is Hoi An ècht een heel leuk stadje. Bij de haven/oude gedeelte, is het een no go voor het gemotoriseerde verkeer. Je kan dus rustig de straat over steken, ipv de gemiddelde 12 keer naar links kijken en 13 keer naar rechts, voordat je over gaat.

My Son (Unesco), 21 september

Het lijkt of de tyfoon van Japan, Vietnamees land heeft bereikt. Vannacht heeft het zò lang zò hard geregend. De kamer grenst aan een golfplaten dakje en die gaf nog even een extra dimensie aan het hemelwater. Als we in de ochtend in de bus zitten, richting onze geplande religieuze plaats, regent het helaas nog steeds. My Son is gebouwd tussen de 4de en de 13de eeuw. Het heiligdom gebouwd voor de koning en de heilige (Boeddhistische) Shiva, Nandi & Vishnu is helaas door de Amerikanen grotendeels plat gebombardeerd in de Vietnam oorlog. Toch zijn er in de gealfabetiseerde gedeelte, enkele torens die doen denken aan het bekendere Angkor Wat in Cambodja. Met Indiaase en Javaanse kunst elementen zijn de gebouwen schitterend bewerkt. Sommige relikwieën zijn verwijdert en staan ergens op de wereld in een museum te blinken. Midden in het oerwoud is het weer super warm. De motregen zorgt alleen voor spetters op de camera maar helaas niet voor verkoeling. Er worden nog een aantal vee ladingen met toeristen los gelaten. Fotogenieke foto's zonder mensen erop zit er niet meer in. Zelfs een dikke Chinees die achter mij op zijn bek gaat, werkt niet op mijn lachspieren van leedvermaak. Het is te warm, te druk en de gids kan ik niet verstaan door zijn slechte uitspraak Engels. Ik ga in mijn eentje maar ronddolen en hopen dat ik niet op een vergeten landmijn stap. (Die hier nog blijken te liggen..) Als afsluiter hebben we lunch op een bootje. Helaas zijn de luidruchtige Spanjaarden die achter ons in de bus zaten, ook van de partij. Het vriendje van het meisje die het figuur van Obelix heeft, praat maar al te graag en irriteert ons mateloos. Maar ja, overboord gooien is ook weer zo drastisch. Na het hapje en de groene banaan, mogen we nog even aan land om naar een hout-snij-werk-pigmee te kijken. Het mannetje met armpjes zo kort, wist wel van een stronkje boom een goudvis te maken. Nou, Koi karper dan, want de vis was best wel groot. Niets gekocht, missie geslaagd. Voor ons dan, niet voor de gids die volgens mij aandelen had. En weer terug naar de oude stad. Morgen weer vroeg op en dan richting Hue, waar we hopelijk nog meer cultuur en historie gaan bekijken.

Hoi An - Hue | Hue Citadel: Imperial City (Unesco), 22 september

In de vroege ochtend vertrekken we vanuit het Camel reisbureautje verder naar het noorden. Het heeft al zoveel geregend de afgelopen dagen, dat er veel stukken grond onder water zijn gelopen. De mensen hebben het waarschijnlijk op de harde manier geleerd, want alle huizen staan gelijk aan de verheven weg. Geen enkel huis staat meer gelijk met de bouwgrond, die schijnbaar elk jaar onderloopt. Het regenseizoen begint hier pas in oktober maar ze kampen nu al met rivieren die buiten de oevers treden. Aangekomen in Hue is het weer niet veel anders. (Maar wat doe je er aan? Helemaal niets natuurlijk) We besluiten om onze buikjes eens gaan te verwennen. Ik heb een speciale patisserie opgesnord die door een Fransman wordt geleidt en liefdadigheid werk doet om minder bedeelde kinderen op te leiden naar chef de patisserie. Een baguette avec fromage is een heerlijke bodem voor onze geplande wandeling vandaag. We gaan een bezoek brengen aan de stad in een stad, de Citadel.
De keizer Gia Long, voorzien van een fors vermogen (grootheidswaanzin), heeft tussen 1802 en 1820 een waar fort gebouwd, voor zichzelf welteverstaan. Het complex beslaat een aantal hectare en bestaat onder andere uit een bibliotheek, een theater, slotgrachten, tempels, tuinen, meer dan honderd gebouwen en een verboden stad. Het was in de 'forbidden purple city' alleen toegestaan om binnen te treden als je keizer of vrouw was. Elk mannelijk lid van de maatschappij werd vermoord. Het geheel is in complete symmetrie met Chineese Feng Shui en militaire principes in gedachte gebouwd. De Vietnamezen hebben voorouder verering nogal hoog op hun lijstje staan, dus we brengen een bezoek aan de 9 dynastie urnen van brons. Niet alles is open gesteld voor het publiek. Verschillende gebouwen staan in de steigers voor restoratie. De stad heeft in het verleden bijzonder geleden onder de IndoChina oorlog. Het geheel is hoe dan ook schitterend! Ik heb er niet genoeg woorden, tijd of omschrijvingen voor, om te vertellen wat we daar hebben gezien. Niet te vergeten: 2 olifanten. Diertjes mogen natuurlijk altijd worden vernoemd. Zeker het bezoeken waard als je in de buurt bent. Na de indrukwekkende paar uur gaan we schuilen voor de regen. Dit keer bij een café wat wordt geleid door een doof- stomme familie. Kan je iniedergeval zeggen als je drankje of je eten verkeerd wordt uitgeserveerd, dat ze je waarschijnlijk niet goed hebben gehoord.

DMZ (Demilitarized Zone), 23 september

Iedereen heeft weleens naar de afleveringen van Tour of Duty gekeken. (altijd een favoriet van mij geweest) De dames hadden meestal een specifieke voorkeur voor èèn van de spelers; Zeke aka Sarge, Lieutenant Myron aka LT, de helikopterpiloot McKay of 1 van de soldaten: Scott, Danny of Marcus. De jongens zullen op jonge leeftijd 'oorlogje' gespeeld hebben en zichzelf èèn van de namen van de hoofdrolspelers toegedeeld hebben. Helaas is zoals elke oorlog, dit ook weer een tragische. De Vietnam oorlog is waar we vandaag een geschiedenis lesje over krijgen. Nadat we door 2 minderheid dorpjes zijn gereden, waar de mensen nog in een bamboe hutten wonen en genetisch zijn aangetast door de chemische bommen die hier zijn gevallen, maken we een eerste stop bij het Ho Chi Minh spoor wat van noord naar zuid leidde. Dit spoor is een belangrijke weg geweest voor de Viet Cong (noordelijk leger, communistisch) om verder naar het zuiden te dringen. De tweede stop is zoals het weer inmiddels al een paar dagen is, mistroostig. Buiten het museum waar de Khe Sanh Hell heeft plaats gevonden, staan gecrashte vliegtuigen opgestald en zijn helikopters, tanks en bunkers te zien. In het museum zijn de meeste bezoekers gebiologeerd door de foto's. Foto's van Amerikaanse soldaten die doodsangst in hun ogen hebben. Doordat ik vroeger altijd naar de ToD serie keek, had ik een beetje idee wat er speelde. Een totaal andere oorlog dan de Tweede wereld oorlog. De foto's, de achter gelaten kleding stukken, de oude munitie.. Maar niets zo indrukwekkend als het gastenboek. Oud Amerikaanse gediende zijn terug geweest naar deze plek. Deze plek, de 'Hell', die ze hebben overleefd, waar ze vriend en vijand verloren hebben. Waar ze een aantekening hebben gemaakt met als bewijs dat ze hier hebben gevochten. Nu kennen ze het gebied in oorlog en vrede. Heel dapper.
Om zelf te ontdekken hoe de burgers de oorlog hebben overleefd, gaan we het gangen stelsel van Vinh Moc ontdekken. De mensen die in de nabijgelegen dorpjes woonde, hielpen de Viet Cong. De zuiderlingen, bijgestaan door het Amerikaanse leger, wist dat ze hier zaten. Het veld waar de tunnels onder gegraven zijn, zit dan ook vol met bom kraters. Er sterven nog steeds mensen, in het bijzonder kinderen, door de landmijnen en granaten die nog niet tot ontploffing zijn gekomen. We schuifelen door de 3 donkere etages van het ondergrondse mollen complex achter de gids aan. Er zijn zelfs familie kamers gegraven. Als we deze passeren blijken deze ter grote van een standaard toilet te zijn. En het aangeduide bordje toilet laat alleen een extra uitgegraven halve vierkante meter zien met.. niets. Waarschijnlijk heeft daar een emmer gestaan met een klein emmertje water. In dit geval zijn ze niet echt verder ontwikkeld de laatste jaren. De bewoners hebben daar 6 jaar geleefd. Niet dat ze elke dag onder de grond zaten maar bij aanvallen was dit de veiligste plek, inclusief school, vergaderzaal en een schuilkelder nog verder onder de grond. We brengen een kort bezoek aan het historische Hien Luong brug over de Ben Hai rivier. Die met haar indrukwekkende torens en haar beeld van een vrouw met kind over de rivier naar het zuiden kijkt. Hopend een glimp van haar echtgenoot op te vangen. We reden hier bijna aan voorbij.. Het moest voor mij het hoogtepunt van de trip zijn omdat het zo'n mooi symbolisch bouwwerk is. Daar dacht de gids iets anders over. Na gedwongen gevraagd te hebben of we niet even voor 2 minuten konden stoppen, deden we dat. De andere reizigers ook opgelucht en de gids vuil naar me kijkend als resultaat. 'Wie betaald hier nu de trip, jij of ik?' Oh, dat dacht ik.
In de avond, onder een grote luifel bij het DMZ café (toeval) die ons beschermd tegen de grote druppels, slaan we het Hue-leven gade. Scootertjes, tuterend verkeer, het raast aan ons voorbij. Een Huda biertje als ontspanner, leert ons de woorden om zo snel mogelijk van de straatverkopers af te zijn. Côm, côm xįn löi.

Parfum river boat tour, 24 september

Met bakken komt het vandaag (weer) uit de hemel. Onze Parfume-rivier-boot-tour langs tempels en tombes, hadden we iets anders voorgesteld. Misschien met een klein beetje zon. Noop, geen zonnestralen alleen straaltjes water die van de regencape aflopen. Maar veilig en droog in ons gekleurde drakenbootje, cruisen we de rivier over. Op zoek naar schoonheid voor het oog, in de zin van authentieke bouwwerken. We bezoeken de Thien Mu pagode (toren) De oudste in Hue, namelijk gebouwd in 1601. Zeggen gedag tegen een gezin wat een in perfecte staat verkerende Chinees-Mandarijn onderkomen heeft. Doen 3x een groetje in de Hon Chen Tempel en na een vegemetarische lunch in lotus houding, komen de indrukwekkende tombes in het vizier. Als eerste brengt moeders een bezoek aan de Minh Mang tombe. Heb ik niet voor gekozen. Ik heb buiten in de gietende regen als een trouwe puppy staan wachten. Maar de volgende is voor mij: de Khai Dinh tombe.
Khai Dinh, een verwend rijke luis kind met een abusievelijke honger naar Franse mode en lifestyle, wordt zelfs na zijn dood omringd door zijn lust. Bij het betreden van zijn graf, want dat is de hele basis voor deze uit proportie gebouwde bouwwerken, worden de bezoekers verwelkomd door een leger van bronzen beelden, bronzen paarden en bronzen olifanten op de binnenplaats. Binnen zijn de pilaren versierd met glas mozaïek en heeft het plafond een uniek bloemen motief tekening gekregen. De Tu Duc tombe of meer het landgoed waar het op staat, beschikt over schitterende lotusvijvers, stukken bos en romantische poëzie-achtige gebouwen aan het water. Aan romantiek heeft het ook niet gelegen bij koning Tu Duc. Hij had namelijk 104 vrouwen. Maar helaas zo impotent als wat, want geen natuurlijk nageslacht. Hij schijnt begraven te zijn met heel veel schatten maar zelfs angstig na zijn dood, heeft hij alle mensen die betrokken waren bij zijn ter aarde stelling laten executeren. Raar volkje, die Vietnamezen.

Hue - Hanoi, 25 september

Met de nachtbus gisteravond vertrokken. Met de chagrijnigste en slechtste chauffeur aller tijden, hebben we ook deze rit weer overleefd. Nipt weliswaar. Je wil niet vrijwillig door de voorruit naar buiten blijven kijken als je op de verkeerde weghelft zit en een grote truck met groot licht komt op je af gedenderd. Nee, doe mij dan maar de struisvogel politiek. Hoofd onder de dekens en hopen dat alles goed komt. Door deze 'assaholla' worden we ook nog kilometers buiten het stadscentrum van Hanoi afgezet. Ik geef een snau en een grau (het is 6 uur in de ochtend) tegen de mannetjes die al weer als gieren om hun prooi staan en me achterop hun brommer willen hebben. Rot op! Ik wil niet achterop een brommer met 2 rugzakken zitten om naar een hotel van je moeder gebracht te worden. Patricia, een Nederlands meisje denkt er net zo over. Met z'n 3en besluiten we dan ook het eerste stuk maar te lopen, naar waar wij denken dat het centrum is. Uiteindelijk een taxi aangehouden en ons naar het 'Old quarter' laten brengen. Een klein balkonnetje op de hoek van de straat later, geeft ons comfort als het gaat om eten, koffie en vruchtendrankjes. We zitten eerste rang om een vrouwtje die midden op straat, in fel mini formaat kleding haar love parade dansjes aan het opvoeren is, te aanschouwen. Een politiebusje komt er aan te pas en via de megafoon wordt iets geroepen. Ze luistert niet en de stem door de microfoon klinkt lichtelijk geagiteerd. 2 agenten plukken haar van straat en stoppen haar achterin de bus. Het blijkt dat het niet alleen voor ons komische kost is, want de andere omstanders staan ook wat verbijsterd annex geamuseerd te kijken. Nog steeds met z'n 3en, besluiten we de uitgestippelde LP stadswandeling te gaan maken. Tijdens de tour komen we verschillende reisbureautjes tegen en we besluiten tussen de wandeling door te informeren. Het is overal een complete 'ripp off' wat betreft de prijzen. Inmiddels heb ik al wat Porsche Cayens, Mercedesen, BMW's en een Lambourgini zien rijden. Dus weet dat ze hier goed verdienen. 23 reisbureautjes verder met prijzen die soms wel 25 dollar uit elkaar lagen voor een enkeltje met de bus, er eindelijk 1 gevonden met gezonde prijzen. Helaas is het meisje nog een beetje incompetent in haar werkzaamheden. Ze werkt er nog niet zo lang. Het boeken van alles, houdt bij elkaar zo'n 2 uur (of meer) in beslag en we zijn dan ook aardig gaar aan het einde van de dag. Nu maar hopen dat alles goed komt. Na een gezond maaltje binnen gewerkt te hebben bij Little Hanoi, begint de forse wandeling terug naar het hotel. Het is zondagavond laat, de meeste mensen zijn vrij en het is druk! De parken zijn gevuld met mensen, de boulevard langs het Hoan Kiem meer is volgestouwd met mensen op kleine plastic krukjes die thee drinken en zonnebloem pitjes aan het eten zijn. Er is een grote groep mensen die bij elkaar zijn gekomen om naar een misschien communistisch relaas te luisteren. De continue stroom van scooters, brommers en claxonnerende auto gaat aan ons langs. In de zijstraten zitten de mensen op de stoep aan hun wederom mini plastic tafeltes en bijhorende plastic stoeltjes hun slakken in het zout te dopen, hun drankje te drinken en hun sigaretje te roken. Op de hoek nog een optreden van de immer populaire karaoke hype die hier heerst.

Hanoi - Sapa, 26 september

Vroeg in de ochtend wordt ik gewekt door bouwwerkzaamheden die hoorbaar plaats vinden in de kamer boven mij. Er wordt in de dauw uurtjes er lustig op los geboord en gehamerd. Klinkt altijd heel lekker in een betonnen gebouw.. De regen heeft ons achtervolgt en gehuld in onze capejes struinen we weer als Quasimodo door de stad. (de rugzak onder de regencape geeft een on-aller charmantste bochel op de rug) We gaan eerst onze trein kaartjes naar Sapa ophalen en gebruiken dan de lunch om even te ontsnappen aan de spetters. In de middag moeten we om de Hanoi Citadel heen lopen. Anders dan Hue is deze voor publiek gesloten. Ik heb het idee dat het alleen nog wordt gebruikt voor militaire doeleinde. Volgens de boeken ondergaat het een groot archeologisch onderzoek waarvan de resultaten ooit wel tentoongesteld zullen worden. Via het presidentiële paleis, waar we zowaar een foto van mogen maken, lopen we naar het mausoleum van Ho Chi Minh. Compleet tegen zijn wil in, is hij hier gebalsemd en ligt hij in de meest afstotelijke creatie van een betonnen gebouw wat een Lotus bloem moet voorstellen. Voorzover zijn testament, om zijn as in noord,- centraal,- en zuid Vietnam uit te strooien. En de kosten voor een museum of begrafenis uit te geven aan beter onderwijs. Er naast gelegen is de èèn pilaar Pegoda die in de miezer regen knap staat te zijn in de lelie vijver. We steken weer de straten over met kris kras rijdende brommertjes. De rode stoplichten zijn meer een indicatie dan een verbod voor de bestuurders. Groen betekend voor ons dan ook, ga maar maar wel op eigen risico. We brengen een bezoek aan de Temple of Literature of Van Mieu. Ook dit is weer een pareltje. Schijnbaar het oudste en het mooiste complex in Hanoi, daterend uit 1070. Op het plein werd er vandaag helaas geen 'menselijk' schaakspel gepeeld. Gekostumeerde mensen fungeren als schaakstukken en bewegen op commando van de speler. Wel een muziek optreden. Grote schildpadden staan met grote borden op hun rug waar de namen van de examen kandidaten ingraveert staan. We gaan nog even een hapje eten en halen onze spullen op in het hotel. De taxi brengt ons naar het treinstations waar we om 20.30 uur de trein naar Lao Cai hebben. We hebben een cabine bedje gehuurd. Voor ieder 1. Patricia en ik zijn voor de goedkoopte gegaan. Dat betekend dat we claustrofobisch 3 hoog tussen het harde bed en het plafond gedrukt liggen. Je kan bij wijze van met je neus het lampje uitdraaien. De andere 3 bedden worden in beslag genomen door een Vietnamese familie met een mongooltje. Het kind jammert wat af. Maar ach, wat kan hij er aan doen.

Sapa, 27 september

De conducteur loopt door de wagon en klopt op alle deuren. Hij verteld er iets bij maar wij verstaan het niet. We zijn aangekomen bij een groot station dus dit zal het wel zijn. De metalen bodem van het bed is niet bevorderlijk voor de scheve wervel in mijn rug. Het liefst loop ik met de grote rugzak op mijn schouder dan op mijn rug. Ik ben toch niet een persoon die je in een hokje kan stoppen met de stempel backpacker op zijn hoofd. Ik draag geen souvenirs, ik loop niet met smerige doekjes over mijn hoofd, mijn nog ranzigere dreadlocks te verstoppen en ik heb een normale laag kleding aan. Geen armoedzaaierige vieze lapjes stoffen die niet bij elkaar passen. Dus tas over de schouder en niet op de rug. De VP's oftewel de Vietnameze parasieten staan net buiten de trein deur al weer klaar om je mee te lokken. Je hebt niet eens de kans om de tas uit te laden en ze zullen ook niet meehelpen. "Nee", begrijpen ze niet en het begint nu aardig vervelend te worden. Als we buiten het station op ons gemakje in de boeken willen kijken, wat een normaal tarief is om van Lao Cai naar Sapa te gaan met de bus, staan ze zich weer te verdringen om geld aan ons te verdienen. We gaan op een stenen muurtje zitten. Ik verhef mijn stem om mijn verhaal eerst in het Nederlands te doen (de harde g klinkt voor buitenlanders toch best agressief) en ik sluit af met 'get lost of fuck off'. De verheven stem vonden ze al niet zo leuk en er nemen al snel een stel een paar stappen naar achteren. Er komt daarna 1 lang-harige VP naar me toe en zegt: ik zal je vertellen, dat er een vaste prijs is, en hij gaat weer weg. Even later komt hij weer terug met een gereduceerde prijs waar we ons alle 3 in kunnen vinden. Achterin een minibusje rijden we de haarspelt bochten naar Sapa door. De rijstveld terrassen zijn op de zijrichels van de bergen gemaakt. In mooie ronde glooiende vormen is het landschap perfect geboetseerd. De huisjes zijn van hout en riet gemaakt. Super mooi om te zien. Aangekomen in Sapa vinden we al snel een hotel en gaan daarna rustig rond wandelen. Dat dachten we, rustig. De inheemse bevolking die rondloopt in fotogenieke plaatselijke kleding maken maar al te graag een praatje met je. Niet omdat ze geïnteresseerd in je zijn', blijkt. Nee, ze willen je meenemen naar hun dorp. Voor de toegang moet echter wel betaald worden.
Om de boel te gaan verkennen zullen we toch verder dan het ski-dorp Sapa moeten gaan rondkijken. Ik heb het eerlijk gezegd een beetje gehad met de menselijke cultuur hier. Hebben, hebben, hebben, pakken, pakken, pakken... Pure creed, is het. Patricia en mama besluiten om morgen een tour te maken. Ze gaan een stukje wandelen, een stukje rondrijden en naar een paar dorpjes kijken waar ze dan waarschijnlijk weer belaagd worden. Ik heb een dagje rust nodig. Even geen mensen om me heen.

Sapa - Hanoi, 28 september

De kamer ruikt naar prullenbak en naar vocht. Het bed voelt ook vochtig aan en deken stinkt. Ik heb het al helemaal gehad met Sapa.. Gelukkig vandaag niets moeten... We hebben even een ontbijt en mams en Patricia gaan op pad. Ik besluit ook nog even een rondje te lopen door het dorp. "Motorbike, Motorbike?" Nee, ik wil niet bij je achter op de brommert. Gisteren was het weer regenachtig en hing de bewolking erg laag. Vandaag schijnt de zon en geeft mooie vergezichten in de vallei. Als ik terug loop naar het hotel om de buskaartjes te regelen merk ik dat ik 200.000 dong ben verloren, iets van 6 à 7 euro. Fuck! Daar gaat mijn lunch geld. Ik loop heel de route weer terug. Natuurlijk een beetje naïef om te denken dat je het terug kan vinden op straat. Maar niet geschoten, is natuurlijk altijd... "Motorbike?" vraagt dezelfde gast die het me een uur geleden al vroeg. "No, not today and not tommorow."(Ass!) Ik leg me maar bij het feit neer dat het geld weg is en zoek een tafel met uitzicht op de doorgaande straat in het dorp. De zon schijnt en ik ga mijn huiswerk maken. Oortjes in en niemand die me voor een aantal uur zal storen, afgezien dan van het jengelende kleinkind van de eigenaar en het autistische kind die lekker hard Aziatische muziek op de pc aanzet. Rond 3 uur komen met rode en zweterige gezichtjes mama en Patricia aan. De voorgehouden 2 km lopen bleek iets langer te zijn. Over modderige paadjes, begeleid door Mong mensen is mams nog even 2 keer onderuit gegaan. Gelukkig alleen een paar blauwe plekken en een vieze broek. We vertrekken niet veel later met het busje, die ons naar de trein brengt. Het uitzicht is.. stunning! De kleuren zijn felgroen, de bergen vangen de zonneschijn op met hun rijst terassen. De mensen lopen in klederdracht achter hun waterbuffels. Sommige van de waterbuffels zijn albino, iets wat ik nog niet eerder heb gezien. Een woest stromende rivier raast over grote rotsblokken naar beneden. Aangekomen in Lao Cai, komen we de lang harige gast weer tegen.. Wat zijn de kansen? Met heel wat geduw en getrek brengen we onze bagage in onze trein cabine. Die zo mogelijk nog kleiner en smaller is dan de vorige. 3 hoog op het smalle brancard bedje weet ik toch weer in slaap te vallen.

Hanoi, 29 september

Om 4 uur in de ochtend worden we weer keurig gedropt op het station. Zelfs voor de meeste vroege vogels is het nog te vroeg en lijkt de stad een oase van rust. Bijna geen brommers, auto's, bussen en getoeter. Rond 6 uur besluiten we met de taxi naar de stad te gaan voor een ontbijt. De 3 grote tassen worden, naar onderhandeling dat er met een meter wordt gereden, in de kleine Daewoo gepropt. We weten precies waar we naar toe moeten en eigenlijk ook de weg die er naar leidt. De meter loopt met een recordhoogte inmiddels in de 6 cijfers inplaats van de gewende 5. Ik roep 'stop, stop, stop here, now!' De chauffeur is schijnbaar ook lid van de VP. Ik probeer mijn portier open te rukken maar die zit op kinderslot. Hij begrijpt maar al te goed dat we boos zijn. Er zit geen open maak knopje op de achterklep zodat ik de koffers er niet meteen kan uithalen. Ik loop al weer hard op te vloeken 'rip off', bijgestaan door moeders en Patricia. Ik loop naar de bestuurderskant, van plan om de sleutels van het contact te halen. 'Dan haal ik de koffers er zelf wel uit, en zo niet dan trek ik ze over de achterbank en gooi ik de sleutels weg'. De chauffeur opent de achterbak, we trekken de koffers er uit. De dames zijn net zo ontzet als ik. 'We gaan echt niet heel het bedrag betalen!'. Moeders die beschikt over de pot, geeft de man 2/3 van wat er op de meter staat. Hij zegt er niets van en pakt het aan. Wetend dat hij hartstikke fout zit. En zeg nou eerlijk, wie wil er in discussie gaan met 3 blonde heetgebakerde Jules de La Tourette vrouwen uit Nederland? Of hij via de taxiradio heeft verkondigd om de 3 vrouwen met rust te laten, worden we de rest van de dag niet meer aangesproken door chauffeurs voor een ritje.
Nadat de hartslag is gedaald en de zware tassen weer zijn opgetild, besluiten we bij het kantoortje waar we onze Halong Baai boot trip hebben gehuurd, te wachten. We kijken er zo naar uit om lekker op een bootje te varen en uitzicht te hebben op 1 van de mooiste plekjes van de wereld. Rond een uur of 8 worden we opgehaald en blijven dan op de boot slapen. Of niet?
Of niet.. Er komt tegen 8 uur een jongeman van de tour vertellen dat er een typhoon aankomt en dat onze tour niet doorgaat. Het voelt weer als een oplichting praktijk. Om er zeker van te zijn deze jongen niet te lynchen voor iets wat we niet zeker weten, spring ik bij een naastgelegen hotel achter de pc. Helaas, inderdaad typhoon Nesat komt eraan. Vandaag is het weer nog wel aardig maar morgen is het regen, wind en onweer. De boten mogen ook niet uitvaren. Uiteraard zijn we teleurgesteld maar tegen de macht van de natuur, doe je nu eenmaal niets. We krijgen het geld terug en moeten een plan de campagne maken voor de eerst komende dagen, nu deze drastisch zijn veranderd. First things first. We gaan vandaag naar de Laos ambassade om een Loasvisa aan te vragen voor ons volgende land. Voor Patricia en mij dan, want moeders gaat gewoon naar huis. We krijgen een keurig formuliertje met niet al te vervelende vragen, laten 1 pasfoto en ons paspoort achter en morgen rond dezelfde tijd halen we met 35 dollar op zak de visas weer op. Keurig geregeld denken we zo. Om in Laos te komen, is helaas een ander verhaal. De vliegtickets zijn te duur de busrit van 20 uur schijnt de geruststellende naam 'hell' te hebben. Schijnbaar zit je te midden van rondvliegende kippen, volgepropte dozen met stinkende vis en idem bevolking met je knietjes opgetrokken in een oude bus, slik..
Maar de ervaringen zijn zeker net zo belangrijk als het uitzicht. Laten we hopen dat ik nog steeds zo positief denk als ik ergens halverwege ben.

Hanoi, 30 september

De eerste signalen van typhoon Nesat zijn al merkbaar. Het regent grote druppels water, er waait een verkoelende wind door de straten en de temperatuur is tot de 24 graden gezakt. Over dat laatste hoor je me absoluut niet klagen! Heerlijk, ben helemaal in mijn element met deze verkoeling. Het lijkt of ik uit mijn winterslaap roes kom, waar alles lomer en slomer in lijkt te gaan. Ik sta vol van de energie en kan al uitkijken naar de 4 km lopen naar en van de ambassade voor de visas. Voor de laatste nachten hebben Patricia en ik een goed geprijsd (iets duurder dan de rest) maar kwalitatief hoog hotel gevonden. Moeders heeft gisteren braaf als een herder bij de tassen, zittend op een stoepje gewacht, terwijl wij zo'n 21 hotels hebben bezocht. In de avond kregen we nog verse jus d'orange en bananen. Super gastvrij natuurlijk maar elk vita-beet weet dat je geen vitamine c moet eten voor het slapen. De geste was aardig en we hebben van het drankje dan ook gebruik gemaakt. Vanmorgen een ontbijtje inclusief. Wat een luxe!
We brengen onszelf in de ochtend al manoeuvrerend door de regendruppels naar de voordeur van het waterpoppentheater. We willen weten hoe laat een show begint en wat de prijzen zijn. De eerste voorstelling is pas om half 4 en we maken dus ook nog geen definitieve keuze om te gaan. Patricia leidt aan een zware verkoudheid en moet even terug naar bed voor wat rust. Moeders en ik gaan op zoek naar een massage salon maar na de meest zoete misselijk makende koffie te hebben gedronken, moeten we helaas concluderen dat we niets naar onze gading hebben gevonden. Terug in de hotelkamer ruil ik wandelgenoot moeders om voor Patricia. We gaan de Laos visums ophalen in een ander gedeelte van de stad. Bijna in verleiding gebracht om met een ciclo (bakfiets) te gaan, besluiten we toch maar te lopen. Er zijn inmiddels meer windstoten en het regent onophoudelijk. Maar om nu te zeggen dat het aanvoelt als een pre-storm die voorloopt op een typhoon? Niet echt. Het is gewoon een rasechte Hollandse herfststorm. De regencapjes van Vietnamese makelarij voldoen niet echt waarvoor ze gemaakt zijn. Als 2 verzopen katjes hebben we aan het eind van de middag, onze weg weer teruggevonden.
Sinds dagen, misschien wel weken ben ik in de avond mijn vroegere dagelijkse routine aan het uitvoeren. Mascara op, oogpotloodje, foundation op mijn snoet. Vanavond een 'date'. We lopen de trap op van Gecko restaurant en daar zitten al braaf te wachten; mijn vriendinnetje Cindy en haar hubby Corne! De wijnkoeler staat als netjes naast de tafel. Na een kus en een knuffel is het meteen veel bijpraten. Cindy heb ik nog gezien voordat ik een half jaar geleden vertrok. Moeders en Cindy hebben elkaar al jaren niet meer gezien. We hebben met zu'n tweeën oa meerdere keren Parijs, Mallorca en Ibiza onveilig gemaakt. En nu hier, in Azie hebben we weer een rendevouz. Het waterpoppentheater was deze middag wel aan hun besteed. De leeftijd categorie voor dit entertainment bleek op kinder niveau te liggen. Deze kunnen we dus van de lijst schrappen. Met nog wat biertjes in de kroeg, voordat de politie met 7 man binnen kwam om iedereen de straat op te vegen, was het bijzonder gezellig.

Hanoi, 1 oktober

Zelfs in mijn dromen komen openbaar rochelende en kotsende mensen voor. Mijn lichtelijke vorm van agressiviteit weet ik zelfs in mijn slaap vorm te geven, door een low kick tegen de muur te geven ipv de onrealistisch vervelende zwerver in mijn droom...
Cindy & Corne zijn vandaag wel vetrokken naar de Halong Bay. Onzeker of er daadwerkelijk een boottrip en/of een overnachting wordt gebruikt. Moeders en ik gaan nog even door de stad heen wandelen. We gebruiken nog een soepje op een balkonnetje om het straatbeeld van Hanoi vast te leggen. Patricia ligt nog ziek in bed. Haar energie te sparen voor de reis naar Laos die we overmorgen gaan maken. In de avond heb ik afgesproken met Christiaan die voor een weekend is overkomen vliegen van Saigon. Bij het doorgesms'te adres, vind ik hem met zijn vrienden Philipe en Tam in een rasecht straat restaurantje. Op de kinder plastic stoeltje hebben ze een klein bbq annex steengrill diner. Philipe en zijn vriendin Tam, beide uit New Caledonia wonen al een tijdje in een buitenwijk van de stad. Tam heeft Vietnamese ouders en beheerst de taal, naast haar moedertaal Frans dan ook uitstekend. Beide jongens spreken het ook en ik ben nog steeds onder de indruk hoe Christiaan het binnen zo'n korte tijd onder de knie heeft gekregen. Na enkele biertjes gaan we nog even naar de 'Dragonfly'. Een café cq club waar westerse muziek wordt gedraaid en het anders in het keurslijf lopende volk lekker uit zijn dak gaat. Een Vietnamese jongen, die duidelijk homo is, komt binnen met geografisch ingestuurde vrouwelijke danspasjes. Zijn schare fans staan al duidelijk op hem te wachten, want het gejoel en de aanmoedigings kreten zijn niet van de lucht. Helaas komt ook hier weer om 12 uur de politie voorbij. Het licht wordt gedimd en de muziek gedempt. We moeten er uit. Soms gaat de tent na een uurtje weer open. Of na 2 uur. Of de volgende dag pas weer. Ik noem het de nacht en wordt netjes met de auto naar het hotel gebracht, onder het genot van te harde muziek in de auto en veel gelach.

Halong Bay (Unesco), 2 oktober

Toch nog naar de Halong baai. Het weer in de stad is zonnig en warm. Hopen dat ik ook van dit uitzicht mag genieten als ik bij de baai ben. Patricia moet op het laatste moment toch annuleren ivm haar lichameljke gesteldheid. Een laatste kus en knufje aan mijn mama. Hier scheiden onze wegen weer. Afgezien van dat ze meestal met een georganiseerde reis gaat, hoop ik dat ik toch wat geregel en wat hotel onderhandelingen uit handen heb genomen. Stiekem heb ik toch wel een traantje in mijn ogen, gewoon omdat ze de beste is. Al laat ik het niet altijd blijken.
Zwaai zwaai, bye bye. Dag mama, tot volgende maand.
In een volgepropte bus met heel wat nationaliteiten is het weer 3,5 uur tuffen naar de Halong bay. Een over-enthousiaste gids probeert de toeristen antwoorden te ontlokken op haar vragen. Het draken verhaal over Hanoi en de Halong Bay intereseren me nog het meest. Met een beetje fantasie zie ik ze al over de typische kalksteen rotsen scheren, die al 15 km voor de kust beginnen. En zie ik de grootste met hun staarten uit wat land in de Tonkin golf nog meer rotsen slaan. Aangekomen in de baai besluit de zon te vertrekken. Het water is echter kalm en het uitzicht is mooi. Precies zoals je het googled of op ansicht kaarten ziet. We maken een stop bij een drijvende vissenkwekerij. Dat intreseert me natuurlijk helemaal niets. Even later gebruik ik de lunch met 3 Thaise mensen en 2 Zuid Koreanen. Noord Koreanen zal je natuurlijk niet zo snel tegen komen. Afgezien van 2 Australische dames ben ik de enige blanke van de bus. Nadat wat gasten langs de drijvende dorpjes hebben kunnen kajakken, varen we weer op onze 'junk' verder. De zeilen worden volgens mij alleen met hoge uitzondering gebruikt. Met de motor varen is standaard. We mogen aan wal bij de Hang Dau Go grot. Een gigantisch exemplaar, met de meest absurde vormen van stalactieten en stalagmieten. Met gekleurd licht wordt het nog iets spectaculairder. Het lijkt of je in een bizar kasteel rondloopt. Op het eerste gezicht, lijkt het zelfs op het werk van Gaudi. Aan het eind van de middag varen we weer richting Halong city. Met zeker nog 30 'sailing junks' die achter ons de weg terug naar de wal maken. Bij terugkomst in het hotel, staan de ogen van Patricia al een stuk frisser. Met wat extra slaap voelt ze zich al een stuk beter. Zelfs zo goed dat ze met mij Cindy en Corne gaat verassen in het restaurantje Gecko. (doe afgelopen nacht wel op de boot hebben geslapen) Niet verwacht dat ik nog binnen zou stappen, is Cin wel verrast dat we er zijn. Dan nog maar een flesje wijn! Gevolgd door nog wat drankjes in een Irish cafeetje verder in de straat.

Hanoi Vietnam - Vientiane Laos, 3 oktober

We slapen lekker uit in de morgen en gaan weer voor een gezond ontbijtje met veel fruit in het hotel. Na al onze spullen gepakt te hebben, is de tas gelukkig een stuk lichter dan de afgelopen weken. Mijn motorjack, de opgesnorde Lonely Planets die mee naar huis mogen en mijn defecte camera, zijn inmiddels al onderweg naar Europa. Bij moeders in de tas. Met Patricia op onze laatste onderhandeling tocht, om wat souvenirs te kopen. Hele ladingen met kleding zijn weer vers uit China geïmporteerd en de winkels staan dan ook te vol om binnen te lopen. We vinden een typisch Vietnamees punt hoedje van riet. Precies wat Patricia zocht. Missie geslaagd. We nemen nog even een westers groente soepje (jak, als je de Aziatische gewend bent met de noedels) in Green Gecko om even later maar bij ons stamcafé (gewone) Gecko neer te strijken. Met een bordje tempura en een passievrucht wodka mix, houden we het wel even uit. En geeft ons hopelijk net dat roesje om de eerste uren in de bus niet mee te maken. Om 5 uur moeten we ons melden terug in het hotel. We worden daar opgehaald. Door de bus denken we. Noop, niet door de bus. Wel door een scharminkeltje van een jongen die nog met de helm op zijn hoofd binnen loopt om ons op te pikken. We lopen het stuk achter hem aan, als hij op zijn brommertje door de straten heen snort. Andere toeristen staan al te wachten bij het hotel waar we aankomen. Hups, in het busje. Het minibusje volgepakt met toeristen die allen een enorme tas met zich mee hebben, wordt door het spitsuur van Hanoi gewerkt. Dat we om 5 uur worden opgehaald, om de bus van 7 uur te hebben, blijkt geen overbodige luxe. Met 3 miljoen scooters in de stad en de vertragende luxe wagens is het spits. We maken een u-turn om uitgeladen te worden op een nietszeggend stukje langs de drukke weg. Weer een vent op de brommert waar we als makke schapen achteraan moeten lopen. Via het kaartverkoop locket, waar uiteraard blijkt dat we weer teveel hebben betaald, laten we ons paspoort zien en gaan door naar de bus. Dit keer geen gipsvlucht/sleeperbus, waar je 1 stoel/bedje aan de raamkant of in het midden hebt maar 2 bedden aan elkaar. We worden door een gast op stoelen helemaal achterin de bus gewezen. De Viet Com (VC) mensen van het noorden zijn echt niet zo leuk. 'Ik wil helemaal niet achterin de bus zitten'. Allemaal vriendjes politiek hier. De Vietnamezen krijgen de beste plekken voorin en de naar zuivel ruikende blanken mogen achterin misselijk worden (zo voelt discriminatie dus) Ik maak met een vinger in mijn keel een kokhalzende beweging. Wat je hier ook van kan denken, de jongen begreep dat we achterin misselijk worden. We mogen uiteindelijk dan ook plaats nemen op de plek waar we in eerste instantie zelf wilde. Op internet heb ik al meerdere horror verhalen gehoord over de bus en de rit naar Laos. 20 tot 25 uur duurt de rit. Maar met wat entertainment op de flatscreen tv (waar ze hier zowiezo geen gebrek aan hebben) worden de lachspieren getraind. De volksmuziek video clips zijn hilarisch slecht. Alles in slowmotion en zoals bij de hippe kip pop muziek loopt het altijd slecht af. Bij liefdesliedjes gaat het vrouwtje altijd terug naar haar ex of gaat ze dood. Blijft een raar volkje..