Home » Europa » Frankrijk 2011 Part II

Frankrijk 2011 Part II -najaar-

Haven Saint Tropez

Frankrijk & Monaco

'Samen op vakantie', november 2011

Tijdens mijn reis van 7 maanden hebben hubby en ik elkaar gevoed met het feit dat we eind 2011 samen op vakantie gaan. Samen weg, naar Zuid Frankrijk om onze vrienden daar op te zoeken.

Ons weerzien in november had zich daarvoor al velen malen in mijn fantasie afgespeeld. Als ik weer eens in een vreemd bed in een vreemd hostel lag of tijdens een van mijn busreizen, de slaap niet kon vatten, probeerde ik me in te beelden hoe ons eerste moment zou zijn .  Vaak had ik een grijns op mijn gezicht, om zoals het leek, niets. Of het nu een grijns was van verlangen of van leedvermaak, ach wat zou die jongen schrikken, het heeft me maanden lang bezig gehouden, hoe ik hem zou verrassen bij een hockeywedstrijd. Om geen argwaan te wekken aan het eind van mijn reis, vroeg ik vanaf het begin af aan waar en hoe laat hij moest spelen. Ik had alles uitgekiend. Had zelfs voor de zekerheid op de website van zijn club gekeken en wist tot het veld toe waar hij moest zijn. 10 maanden lang in de planning en 7 maanden lang naar uitgekeken stond ik in de 2de helft, voor niet al teveel afleiding, aan de zijlijn. Ik had nooit deze datum genoemd als zijnde retour datum. In de ochtend heel vroeg (lang leven de jetlag) via de mail beloofd dat ik hem die middag zou spreken. Wat zou hij verrast zijn. Als meester spion stond ik daar in de ijzige kou van de Hollandse herfst,  met mijn lange zwarte jas bij de andere supporters. Geen enkele aanwijzing had ik hem gegeven en geen verdachtmaking me laten ontvallen. ‘Iets niet zeggen is niet liegen’ en daar ben ik de afgelopen jaren toch verdomd goed in geworden. Helaas te goed..

Hij zag me niet. Hij liep, rende en speelde op het kunst gras. Af en toe ging zijn blik naar de mensen langs het veld maar geen herkenning. Na een behoorlijke nederlaag van 1-10 liepen de jongens van het veld. Ik probeerde me een beetje te verschuilen achter een trouwe schare fans,  zodat ik als blij meisje ineens prominent voor zijn neus zou staan. Mijn hartje ging sneller kloppen,  mijn wangetjes warm en rood en mijn voeten inmiddels tintelend van de kou, wachtte ik totdat ook hij de aftocht blies. Nadat iedereen van het veld was vertrokken en een nieuw team inmiddels met zijn warming up was begonnen, stond mijn sporter nog aan de andere kant van het veld te kletsen. Hij zou niet over het veld richting mij komen lopen maar via de buitenkant. Even twijfelde ik of er misschien vanaf het terrein een pad was naar de parkeerplaats, waar hij van af wist en ik niet.  Hij zou de auto instappen en naar huis rijden, zonder ook maar geweten te hebben dat ik een tijd naar hem had staan kijken. Hij vervolgt zijn pas en loopt me tegemoet. Ik loop recht op hem af maar zelfs met 3 meter afstand merkt hij me niet op. Ik heb in de laatste 5 minuten mijn openingszin bedacht en krijg het met lichte zenuwen nog prima mijn strot uit. De wedstrijd was ietwat teleurstellend. De jonge gasten op het veld ‘vlamde’ niet. Mijn object van interesse was vandaag ook niet aan het presteren op topniveau. 2 meter van hem verwijdert vraag ik: ‘Zo, heb jij je energie voor vanavond gespaard?’

 Hij weet niet wat hem overkomt. De sportattributen vallen uit zijn handen. Zijn handen gaan naar zijn hoofd en vervolgens  kijkt hij radeloos om zich heen, de situatie totaal niet onder controle hebbend.

Toen ik hem even later wegvoerde van de hockeyclub en hij 10 minuten naast me in de auto kon zitten, keek hij meerdere malen ongeloofwaardig van mij naar het voorgaande verkeer en terug.

Ik, stiekem teleurgesteld over de dopamine die schijnbaar ergens werd opgehouden tussen de visuele cortex en de prefrontale cortex, liet het er maar bij. Hij was te geschokt om te reageren. Ik kon hem het ook niet kwalijk nemen. Hij zag me wel maar het kwam niet ‘binnen’. Het is niet dat ik er heel anders uitzag of niet meer voldeed aan het uiterlijk van zijn verwachting. Eerlijk gezegd; ik zag er beter uit dan voor mijn vertrek in het voorjaar; een uitgerust koppie, geen wallen, mijn ‘verse’ blonde haren nonchalant door de wind uit mijn belachelijk bruine gezicht geblazen. Ik was 5 kilo kwijt en dat tekende in mijn gezicht. Ja, natuurlijk was hij heel blij om mij te zien. (Beste verrassing in zijn leven..) Lastig alleen dat de chemische reactie in de 'synapsen' meer invloed uitoefende dan gewenst. Daar had ik dus even geen rekening mee gehouden.

Helaas, geen jonge honden gedrag. Geen beide-benen-tegelijk-over-het-hek-spring-actie, bij het eerste oogcontact. Geen Passadoble tafarelen met wilde blikken en een gebogen ruggetje in zijn sterke armen, smachtend naar een eerste zoen. 3 uur later trof de dopamine toch zijn doel en was de totale ontreddering en ongeloof uit zijn verdwenen. 'Ja, ik ben het echt. Ik ben thuis.'

De volgende reis gaan we samen maken en vanaf dat moment keken we er naar uit.

21 tot en met 27 december 

Brabant - Zuid Frankrijk, 21 december 2011

Het is donker en het regent. 05.16 uur knippert in groene letters op het dashboard. s’ Ochtends, nooit echt op mijn best, heb ik geen problemen om als eerste het stuur in handen te nemen. Hubby valt al snel weer in slaap en is gelukkig net op tijd wakker, om het audio gedeelte van de Tom Tom bij Brussel over te nemen en me op juiste afslag te attenderen. Luxemburg wordt doorkruist alsof ik Andre Kuipers ben. De sneeuwvlokken die onophoudelijk aan blijven, krijgen de vorm van sterren zoals ze te zien zouden zijn bij een snelheid in de ruimte. Met lange staarten razen ze voorbij of slaan te pletter tegen de voorruit, waar de ruitenwisser onophoudelijk overheen beweegt. ‘Margootje’, (op z’n Haags uitgesproken voor het beste effect) brengt ons al snel over de Franse grens, waar ik na een bestuurderswissel al snel ongegeneerd met open mond het voorbeeld van slapen volg.

Als Romeo en Julia uit 2 tegenstrijdige families, is er de continue (woorden)strijd over de voorkeur van pompstation. Beide grootgebracht met een plastic lepel van onze vaders die resp. bij de Esso en Shell werkte, roepen we onze preferentie ten allen tijden uit bij het zien van een wit-rode of gele kleur. Met een kortingspasje van rood-wit, geef ik me echter snel gewonnen. Het voorkeur tankstation die ‘hier echt ergens’ moet zijn, zien we niet. Helaas zijn de benzinestations niet zo overvloedig aanwezig als in het thuisland. Een kleine onschuldige piepjes reeks attendeert ons erop dat Margootje, ons kleine rode race monster, nu echt iets te eten wil. We voelen de spanning als een bord langs de kant van de weg aangeeft dat het eerst volgende pompstation 40 km verderop is. We moeten de proef op de som nemen om te kijken hoe ver we met de reserve tank komen. Gelukkig is ons rode C-eendje een lichtgewicht in haar klasse. Want duwend in de gietende regen een Franse berg op, staat nu niet echt in onze top 10 van ‘altijd al eens willen doen’. Ook hubby zal zijn voorkeur dit keer moeten laten varen en we stoppen bij de eerste pomp die we tegen komen.

Aangekomen in het departement Vaucluse bij Orange, rijden we het grijze wolkendek uit en krijgen de ruitenwissers na 05.16 uur vanmorgen eindelijk een welverdiende rust. De vegetatie verandert opmerkelijk genoeg meteen als we onder de blauwe lucht met haar bedrieglijke koele zonnetje rijden. Het lijkt of hier altijd het grijze winterse weer stopt en de grillen der natuur zich zonder pardon overgeven aan de mediterrane zachtheid van het heersende klimaat. Cipressen, pijnbomen, olijfbomen en kurkeiken voelen zich prima thuis in het glooiende landschap. Typisch Franse dorpjes met hoger gelegen kerkjes lijken aan de tand des tijds van het modernisme te zijn ontsnapt. Crème gestuukte muren en pastelkleurige paarse en blauwe tinten op deuren en luiken geven de huizen een rustieke uitstraling. In de positiefste zin van het woord, alsof ze ten alle tijden willen rijmen bij de geurende paarse lavendel.

We storten een laatste kapitaal in de tolmachines, laten de snelweg achter ons en gunnen de langgerekte wijnvelden bij Le Luc een laatste blik. In de haarspeldbochten van de bergen wordt de traag rijdende karavaan geleid door een vrachtwagen. Wij, totaal niet geërgerd want we hebben het heerlijke uitzicht op een welgevormd kontje van een zwarte Porsche GT3.

Iets over 4 parkeren we Margootje onder het afdakje bij ons adres in La Garde Freinet. We worden na een hartelijk ontvangst naar de keukentafel bij een warme knapperende haart geleid voor een vers stukje appelgebak. Coco de Bennersenner en Disco de bruine Labrador hebben na hun opgelegde taak, dat is gasten welkom heette, de realiteit in gezien dat hun gastvrijheid alleen met knuffels en een aai moet worden bekocht. Ze leggen zich er bij neer en zoeken een warme plek bij de kachel.  Een rondleiding langs de appartementen, waar ik eerder dit jaar veelvuldig met een verfkwastje ben langs gedrenteld, zien er keurig uit. Taupe en crème kleuren worden afgewisseld met typisch Franse snuisterijen. Alle bedden zijn voorzien van nieuw linnengoed en decoratie kussens en stoffen bij de zithoeken sluiten hier perfect bij aan. Het vrije uitzicht vanuit de appartementen is uniek. De Mistral afkomstig uit het Rhônedal, zorgt dan wel voor heftige regen en wind maar is tevens verantwoordelijk voor een kraakheldere lucht, waar je in de beste dagen op de juiste plek, de Alpen en de Mediterrane zee kan zien.

La Garde Freinet, 22 december

Een wandeling naar La Croix des Maures, ‘het kruis’ staat vandaag op het programma. De lucht is blauw, de zon schijnt en het is 15 graden. De rode en gele bladeren die nog aan de bomen hangen, weerkaatsen het zonnetje net zo vriendelijk door naar de rest van de bomen als op een warme septemberdag. Toch dragen we allemaal een sjaal voor de frisse wind die waait. De honden gaan ons voor en denken de route al te kennen. Waar wij een hobbelig pad met keien en boomwortels op klauteren, rennen de honden geheel zelfvoldaan over hun automatische GPS verder. Sergio roept Coco en automatisch reageert Disco op het commando. Ze scheuren ons zonder enige vorm van vermoeidheid voorbij, om weer nieuwsgierig en snuffelend het voortouw te nemen.

In het voorjaar heb ik hier bijna eenzelfde wandeling naar de ‘top’ gemaakt maar deze is net iets anders, steiler. Ik loop met de kortste beentjes van de groep vaak achteraan. Mijn longen inmiddels een stuk schoner dan vorig jaar, door mijn uitgebannen hobby, hebben nergens last van. De conditie echter, is zeker niet wat het ooit geweest is. Maar ook in het klimwerk werkt mijn lichamelijke uithoudingsverhogen als een dieseltje; het komt hoestend en proestend op gang, is niet altijd de snelste, maar een uithoudingsvermogen..

Bij het verzicht wat we bij de beide toppen hebben, genieten we van het uitzicht wat ver, heel ver reikt.  In bepaalde maanden van het jaar, mogen de bewoners hun tuinafval opstoken. In de zomer en het najaar kan het hier bijzonder heet en droog zijn waardoor bosbranden een groot gevaar opleveren. In dit gedeelte van het jaar krijgen de pyromanen vrij spel en uit de heuvels en valleien cirkelen dan ook her en der witte rookpluimen op, die aan het einde dag voor wat vertroebeling van het uitzicht zorgen.

Teruggekeerd na een voldane wandeling, staat daar alweer een Hollandse appeltaart voor ons klaar. Dit keer uit de Brabantse keuken die we hoogst persoonlijk gisteren vers hebben geïmporteerd. Nou voorruit dan… omdat we net een lichte inspanning hebben gehad. In de avond, om het lekker Hollands te houden, spelen we het bordspel ‘Ik hou van Holland’. Donna, Sergio en Hubby hebben dit zeker al vaker gespeeld. Het is dan ook een aftreksel van de gelijknamige spelshow op tv. Nooit gezien, als de voorstukjes achterwegen mogen worden gelaten. Ik heb totaal geen interesse in dit soort entertainment. Hetzelfde geldt voor ‘De stem van Holland’, ‘Zo, jíj denkt dat je kan dansen?’, ‘Holland heeft talent’ en de ‘X-Factor’, voor het ‘totaalplaatje’. Absoluut niet voor mij weggelegd. Niet om aan deel te nemen en niet om naar te kijken. Ik ben dan ook totaal niet beschaamd als ik het spel met glans verlies. Wie wil dan ook in hemelsnaam onthouden, wat de titelsong was van Rene Froger met ‘een eigen huis’? Nee, dat is dus niet ‘Een eigen huis’. Of welke trainer bij welk elftal hoort.. Geen idee. Interesse bal..? Duidelijk overal behalve in Nederland.

Grimaud, 23 december

Om ons meer inzicht te geven in de omgeving en daarvan meer kennis op te laten doen, worden we uitgenodigd door Donna haar vader voor een wandeling. Niet voor zomaar een wandeling want dat zou te saai zijn. Eerlijkheidshalve worden we voordat de excursie aanvangt, op de hoogte gesteld van het feit dat er een kennis quiz wordt gehouden. Het meten van onze intelligentie en onze gemeende interesse in de verhalen die worden verteld, worden zo keurig gestaafd.

We starten in Grimaud en Hubby en ik lopen als trouwe luistervinkjes achter onze gids aan. We willen niets missen van zijn verhalen, want o la la, als we laag scoren in de test. Donna en Sergio,  al een aantal jaren thuis in deze contreien, kunnen een aardig woordje mee praten. We lopen langs de Arcade van Rue de Tempeliers naar het eeuwen oude kerkje waar Donna en Sergio in 2009 zijn getrouwd. De deur staat op een kier en voorzichtig duwen we deze met een knarsend geluid verder open om binnen een kijkje te nemen. We aanschouwen het altaar waar het kersverse koppel in de tijd voor zat geknield en nemen in een van de zijbeuken een ingericht kerststalletje aandachtig op. We lopen even later verder over het plein waar iedereen zijn herinneringen heeft aan die mooie zomer van 2009.

Een kleine afdaling over een ongeplaveid pad, brengt ons naar de Saint Roche windmolen uit de 17de eeuw. Een molen die niet zou misstaan als vijand in een strip van Don Quichot. Met een uitzicht op het Maures gebergte lopen we vergezeld door een zwarte kat langs een tijdelijk riviertje die van herfst tot lente aanwezig is. In tegenstelling tot de rivier Garde die een stukje verder op een breuklijn ligt. We komen aan bij de “Pont des Fées”, oftewel een oud Romeins aquaduct. Die Romeinen hadden een kennis en inzicht, want het aquaduct is nog steeds in perfecte conditie.

We beginnen met de klim naar boven waar een andere zwarte kat ons treft. Nadat ik nog een kwijlende blik bij Chateau de Patisserie, de plaatselijke banketbakker, binnen heb geworpen, doen we nog 2 winkels aan en zijn klaar voor onze quiz, 'spannend.' 2 zwarte katten vonden het nog nodig ons pad te kruisen. 'Als hier maar geen ongeluk van komt.' Bij terugkomst staat Donna d’r moeder al klaar met een smakelijke Tarte au Citron. Niet gehaald bij de bakker, maar in eigen keuken zelf gebakken. Yammie yammie. Veel oehhhh en ah’s! later hebben we de slim bedachte 20 vragen van de quiz afgewerkt. Sergio (de weetjes-koning) mocht zich de grote winnaar noemen. Donna 1 vraag achter zich latend.

Het ongeluk volgt ons gelukkig  niet. Al ben ik na een ritje in de bergen zo misselijk als een kat en moet bij thuiskomst dan ook even mijn mand opzoeken. Een verdomde hoofdpijn komt opzetten.

La Garde Freinet, 24 december

Het ontbijt wordt op bed gebracht. De lunch wordt gemist. Ik leef tijdelijk in mijn eigen wereld en dat is die van pillen en slaap. Eens in de zoveel tijd wordt ik geteisterd naar een hersenvernietigende migraine. Het enige wat je er tegen kan doen, is je er aan over geven en veel, heel veel aspirines innemen en hopen dat je even niet wakker wordt.

In de middag vat ik mezelf in de kraag en sleep ik mezelf naar de sociaal gevestigde orde. De jongens zijn aan het klussen, de dames zijn aan het verven en de honden bekijken van tijd tot tijd waar het 't gezelligst is.

Er moeten nog wat kleine “kerst” inkopen worden gedaan in Cogolin. Morgen eet de familie gezellig met elkaar en zijn niet thuis. Hubby en ik hebben een ander plan en eten met z’n tweeën. We besluiten om een heel klein beetje feestelijk toch een 3-gangen menu te gaan bereiden. Niets bijzonders, gewoon lekker met een wijntje erbij.

Monaco & Cannes, 25 december

Wat is er fijner om met kerst, geen kerst te vieren? Jarenlang heb ik me uitgesloofd om 15 uur per dag al die burgertrutjes en burgerlui van eten en drinken te voorzien. Stonden ze weer; goedgelovig hun verplichtingen jegens de familie na te komen met kerst. Iedereen zeurt er over, over dat ‘verplicht’ gezellig doen en dat ‘dwangmatige’ te veel eten met ‘die’ feestdagen maar ondertussen geeft iedereen zich er maar al te graag aan over. Zondagse kleding word uit de kast getrokken. Voor de meerderheid van ons cliënteel betekende dat voor de mannen vaak een spijkerbroek en een geblokte houthakkerblouse (soms met een colbertje van 20 jaar geleden, wwhhaaa) met een extra snufje Old Spice. Voor de dames een etalage pak van de Miss Etam, met een slecht geïmiteerde versie van de Ici Paris opmaak sessie, ‘die daar zo goed was gelukt.’ Ongeduldig staan ze met hun bordje in de file om maar niets te missen van wat er op het buffet ligt. Het opeenvolgde dessertbuffet staat nog niet in zijn geheel opgediend of ze hangen er al weer rond, als een roedel uitgehongerde wolven.

Was die brunch dan eindelijk ten einde, dan maakte je je op voor hét kerstdiner. Keer op keer was het voor mij een teleurstelling, want zó zou ik mijn eigen kerst nooit willen vieren. Gelukkig heeft het ook al die kerstdagen al die jaren, om andere mensen gedraaid en niet om mij.

Je kan me dan ook tijdens de kerst niet blijer maken, dan door me aan niets kerst-achtigs te laten deelnemen. Geen kerstboom, hartstikke heidens, niets met het Christelijke geloof te maken. Geen kerstversiering en al helemaal geen kerstmuziek. Ver-schrik-ke-lijk.

Een ritje van anderhalf uur en 20 euro (voor wie het bijhoudt) aan tolgelden verder, parkeren we onze zeer beschaafde bolide in de parking van het Casino in Monte Carlo. Er staan nog geen emblemen van paardjes, stieren, kroontjes, sterren of propellers te blinken. Maar waarom zou je je trots en onderwerp van opschepperij ook ondergronds verstoppen als je deze ook prominent op 1 van de handgepoetste straatstenen kan zetten?

Het weer is heerlijk. Blauwe lucht, lekker warm zonnetje. Ik heb mijn privé gids bij me en een lading aspirines achter de kiezen. We kuieren langs de verlaten straten, paraderen langs het 5-sterren hotel ‘Hotel de Paris’ maar laten het terras voor wat het is. In de tunnel onder het casino komt er alleen een al eerder gesignaleerde Subaru Impreza aangescheurd. Die klaarblijkelijk door de eigenaar weer is opgelapt en via de vluchtstrook zijn weg heeft gevonden naar de stad. De geproduceerde decibellen zijn minimaal vergeleken bij de Grand Prix die hier jaarlijks wordt gehouden. Een tal meer pk’s scheuren dan door deze tunnel op weg naar hopelijk een overwinning.

We duiken het park in, waar in deze winterdagen de vogels fluiten en de planten in bloei staan. Een bankje wordt gevonden met uitzicht op de azuur blauwe zee. Ik leg mijn hoofd op de schouder van mijn geliefde en laat de zonnestralen mijn gezicht strelen. Ik doezel zachtjes weg en af en toe ontwaak ik licht door langs schuifelende mensen en kinderen. Ik zou hier uren kunnen zitten, maar zoveel tijd zit er helaas niet in een dag. De kerk van Grace Kelly wordt op dat moment voorbehouden voor de kerkelijke, die wel een Kerstmis willen bijwonen. De deuren zijn dicht en tijdelijk niet voor het publiek geopend.

bol monacoWe stappen over een metalen ketting die 3 cm van de grond hangt en is verbonden tussen kleine zwart geverfde paaltjes. Dromerig met onze armen om elkaars middel, slenteren we naar het nabij gelegen uitkijkpunt. Het plein wordt grotendeels bevolkt door Aziatische toeristen die de Europese wereld meer door de lens van hun camera zien dan door hun eigen ogen. Plots horen we een stereofonisch geroffel. De poortbewaker slaat met zijn knoesten van vuisten tegen zijn regen,- en zonweringhokje en komt vervolgens naar ons toe gestormd. Met woeste gebaren wijst hij ons uit zijn territorium, alsof hij het persoonlijk met zijn eigen lichaamsappen heeft afgebakend. ‘Sortie! Sortie!’ roept hij. Gelukkig hebben we beide een basis in de Franse taal. Mochten we die niet hebben gehad, hadden we ook begrepen wat hij bedoelde. We gehoorzamen de gestreste meneer en stappen even onschuldig als voorheen weer terug over de metalen ketting. Verder niet onder de indruk van de man, die zijn baan en waarschijnlijk zijn hele bestaan uiterst serieus neemt. We praten dan ook wel even over 100! vierkante meter kinderkopjes, in de 1.95 vierkante km omtrek wat deze Monegaskische vesting beslaat, waar hij op moet letten. Ach… Zo blijkt, prioriteiten in het leven zijn voor iedereen weer anders.  

De ouders van een vriendin van mij, verblijven een aantal keren per jaar in Cannes. Hun lievelingsstekje heb ik nog nooit aangedaan en ik besluit ze dan ook maar even te bellen, ‘of ze tijd hebben voor een kopje koffie op deze eerste kerstdag.’ We blijken graag geziene gasten want ze gooien hun planning voor de middag dan ook zonder pardon overboord. Ik heb een beschrijving van Margootje gegeven en niet veel later staat er een dame met langharig hondje vanaf de stoep naast het strand naar ons te wuiven. Een flinke omhelzing en veel kreetjes van opwinding, dat we elkaar weer eens zien volgen. We worden binnengeleid in hun appartement wat op steenworp ligt van het strand en daarmee een zonnig uitzicht geeft over de zee en de nabij gelegen eilandjes. Hubby stel ik voor aan de man des huizes en die hebben elkaar al snel gevonden in een gesprek over Formule 1. Na een paar uur bijkletsen, besluit mijn gids me nog even langs de boulevard van het bekende Cannes te rijden. Ik kijk naar het theater waar het filmfestival wordt gehouden. Met een rode loper en schijnwerpers is er veel om te doen. Verder is het gewoon een bioscoop. Vinkje; ‘Been there, done that.’

We besluiten om via de kustweg terug naar La Gardi te rijden. De weg is vrij rustig, zo niet verlaten omdat de gemiddelde Fransman waarschijnlijk een smerige Foie Gras zit te happen. Bij Mandelieu-la-Naoule en Théoule-sur-mer kijken we over onze schouder om de fonkelende lichtjes van Cannes te aanschouwen. Vanaf een afstandje ziet het er in deze periode van het jaar spectaculairder uit dan van dichtbij. Na St. Raphael en St. Aygulf te zijn doorkruist, gaan we bij St. Maxime richting Grimaud om via de kronkelige bergwegen ons thuis adres te vinden. Een klein 3-gangen menu en een fles wijn later, hebben we denk ik toch onze uiterste best gedaan om niet aan het standaard kerstgevoel deel te nemen.

Saint Tropez, 26 december

2de kerstdag is al net zo heilig als de eerste.
Vandaag staat er even een uurtje klussen op het programma. De keuken kastje van een appartement hebben een nieuw likje verf nodig. Don en ik zitten dan ook even later op een oud dekbedovertrek op de vloer om in yogahouding onbereikbare hoekjes te verven. Er staat wat muziek aan en we hebben weer alle tijd om bij te praten.
In de middag vertrekken Don, Serg, Hubby en ik naar St. Tropez. We maken een wandeling door de verlaten stad. Door het ontbreken van de toeristen heb ik alle tijd om naar de mooie straten te kijken en bij tijd en wijlen mijn hoofd in mijn nek te leggen om naar de bovenwoningen te kijken. In de zomer kan je hier over de koppen lopen en ben je alleen bezig om langs, naast of voor andere mensen te komen, op zoek naar een leuk maar vooral leeg plekje om te zitten en te genieten van de Franse atmosfeer.
We strijken neer bij Café de Paris aan de boulevard. Het café zit aardig vol met toeristen. 2 dames aan de bar zijn flink onder handen genomen door een plastisch chirurg. Of het het gewenste resultaat heeft behaald durfen we niet te vragen. De gezichten zijn nogal opzichtelijk opgetrokken en van een vriendelijk gelaat kan nu echter niet meer gesproken worden.
De prijzen op de kaart zijn niet anders dan in de zomer. 5 euro voor een simpel glaasje huiswijn maar we laten het ons prima smaken. Sergio gaat echter voor een rode wijn en maakt een vergissing in zijn bestelling. Hij betaald dan ook het dubbele.
We verlaten de inmiddels prachtig verlichte boulevard en met verdeelde meningen stoppen we even later op de parkeerplaats bij de Mac Donalds. 'of dat kan op 2de kerstdag?' 'Nee, dit kan echt niet.' We hebben allen jarenlang in de horeca gewerkt en allen 2de kerstdag alleen beleefd voor andere mensen.
We stappen de auto uit en bestellen onze burgers en frietjes aan de counter.

La Garde Freinet - Breda, 27 december

Met flinke knuffels zeggen we gedag. Het is weer tijd voor de teruggrit. We hebben weer een heerlijke week gehad maar we moeten terug om op tijd op de verjaardag van mijn nichtje te zijn.
We rijden het dorp nog even in en halen wat brood. Het is kwart voor 10 en we zijn klaar voor vertrek. De hoofdpijn echter is nog steeds niet helemaal verdwenen en bij een apotheek in Le Luc haal ik nog even snel een pakketje vol met pijnstillers. Een oud koffiekopje wat nog in de bekerhouder van de auto staat spoel ik om met wat water. De pil begint te bruisen als het in een laagje met koffie ruikend water ligt. 'Ach, zolang het maar werkt.'
De terug reis gaat voorspoedig. Dat kunnen we helaas niet zeggen van een auto die op het andere gedeelte van de snelweg staat. De auto is totall loss en staat omgedraaid op de weg met een kilometers lange file als gevolg.
Als op de heenweg, verandert het weer bij Orange. We rijden van een zon overgoten dag in een grijs overtrokken saaie namiddag. Deze blijft ons helaas vergezellen tot de Belgische grens.
Het wordt inmiddels al donker en tijd voor een hapje. Tegen beter weten in, maken we een stop bij de club van AC restaurants. Het is stil en verlaten met uitzondering van een paar bezette tafeltjes. We lopen niet veel later naar de uitgang en een man komt ons tegemoet gelopen. Bij het passeren blijkt dat hij een bekend gezicht heeft. Ik kijk Hubby fronsend aan en vraag: 'dat is toch..?' 'Je bedoelt Jos Verstappen?', zegt hij. 'Ja, inderdaad. Jos Verstappen. Die we zomaar even tegen het lijf aan lopen.'
Heeft hij weer iets om zijn formule 1 vriend Sergio mee jaloers te maken.
Margootje is klein maar dapper en zet ons trouw rond een uur of 9 af bij ons adres in Breda.