Home » Zuid Amerika » Argentinie 2014

Beren

 
10 maart 2014
 
Als een klein kind die een nieuwe fiets krijgt of een teddybeer - je word wakker en je weet dat het een leuke dag gaat worden - want je krijgt iets. Zo voelt het vandaag, alsof ik een cadeautje krijg. Een zelf gekocht cadeautje weliswaar. In een 'jubel' stemming ben ik.
Ik vraag thuis twee keer; 'En wie gaat er naar de zuidpool? Ik antwoord zelf ook maar even: 'Ikke!'
 
Ik kan me niet herinneren dat ik me bij mijn vorige reis me zo opgetogen voelde. Maar dit
 keer is het zo anders. Koud en niet warm. Geen slangen in de tent, geen boze trappelende olifanten, geen leeuwen die rond de tent kunnen paraderen. Al met al was Afrika ge-wel-dig, maar dat wist ik toen nog niet.
 
Nu ga ik eerst een 'oude vriend' opzoeken. Dan ga ik naar het eind van de wereld waar ik tot mijn verdriet twee jaar geleden maar zo kort kon blijven. Ik dacht toendertijd nog; ik kom nog wel een keer terug. Maar even serieus.. hoe groot was die kans dat ik echt op korte termijn terug zou komen? Ik had het niet bedacht en ben nu blij dat ik een herkansing krijg. Hopelijk werkt die gast nog steeds in het hostel in Ushuaia waar ik verbleef en zal verblijven, zodat ik mijn 'Rio Turbio verhaal' nog steeds kan vertellen. Ik heb het hem proberen te mailen maar er was ergens een fout geslopen in de spelling. 
 
Het Rio Turbio verhaal is dat ik in 2012 hals over kop uit Ushuaia moest vertrekken om mijn boot in Chili te halen. Bussen reden minimaal omdat de winter inzette, het begon te sneeuwen. Mijn geplande bus ging niet en daardoor moest ik ineens in de nacht een bus pakken. Deze zou stoppen in Rio Turbio, een grensdorp tussen Argentinië en Chili. Ik kon online geen accomodaties vinden en ben maar op de bonnefooi gegaan. Uiteindelijk was er niets om te slapen, zelfs geen busstation en toen ben ik met een wildvreemde man met gitaar naar huis gegaan. Ik dacht dat ik wel op de bank kon slapen maar de man was zo arm dat hij helemaal geen bank had. Dan maar bij hem in bed.. En koud dat het was. Buiten vroor het en zijn kamer, een klaslokaal in een oude school, had geen verwarming. Met kleding en al in mijn slaapzak op de rand van het bed gaan liggen en op goed geluk in slaap gevallen. De goede man had het beste met me voor en de volgende ochtend hebben we een heel fijn -toeval bestaat niet- gesprek gehad onder het genot van een koffie bij een pompstation. Dankbaar!

Dankbaar ben ik deze 'man met de gitaar' geweest.

Om 18.38 uur stijgen we op uit Amsterdam. Soms kan mijn brein de werkelijkheid niet bijhouden en in gedachte zit ik al in Madrid. 'O, nee nog steeds Schiphol'. Het word mistig na deze mooie dag maar als we boven de wolken reizen zie ik de oranje kleurige zon met een fantastisch mooi gekleurde lucht. Zelfs de beste schilder kan dit niet nadoen. Mocht hij dat wel kunnen; dan zou het kitch zijn want de kleuren zijn zo apart. 
 
Ik merk dat ik me ontspan want, het mag gezegd worden, een beetje spanning is er altijd wel als ik weg ga. Alle rampscenario's zijn door de beren op de weg als bordjes boven hun hoofd gehouden en ik heb ze één voor één in mijn hoofd afgespeeld. Op tijd vertrekken, geen stress, alles goed doordenken, dat is wat voor mij werkt. En hier zit ik dan: te genieten met een smile op mijn snoet. Naar buiten kijkend en weten dat ik twee maanden, twee maanden(!) weer helemaal op ga in mijn vrijheid. Niet slecht bedoeld: maar ik lach toch iedereen uit? Al die mooie dingen die ik ga zien, die vrijheid, dat ultieme gevoel dat je écht alles uit het leven haalt. Tenminste, dat hoop ik...dat dat me is gegund.
De ondergaande zon is verdwenen en de zachte pasteltinten zijn veranderd in een feller prisma. Ik hoop zonder tegenslagen mijn doel te bereiken en hoop dat de beren wegblijven. Geen 'I told you so' borden boven hun hoofd. 
Helemaal geen beren... ook geen ijsberen.... want die leven alleen op de noordpool.
 
Palermo & Recoleta
11 maart
 
Ik heb om middernacht gedag gezwaaid naar het Europese continent. 'Tot over twee maanden.' Met de juiste omzetting van
de stoelen (ik ga toch niet op 16 en 36 zitten...) heb ik ervoor gezorgd dat ik op weg naar Madrid de ondergaande zon in het westen heb gezien en vroeg in de morgen bij aankomst over het zuid Amerikaanse continent de zonsopgang in het oosten. Als je dan toch zelf mag kiezen? Dan maar beter voor het beste uitzicht gaan.
 
'Ola Buenos Aires! Hier ben ik weer.' Wat is het heerlijk om terug te zijn. Al is het even slikken als we boven de mateloze bebouwing van de stad vliegen dat ik bijna mijn agorafobie weer krijg. 'Wat is het toch een immense stad.' Moeilijk te bevatten. 
 
Nadat ik een prima vlucht heb gehad met Air Europa landen we voortijds op Ministro Pastrani | Ezeiza Aeroporto. Met de juiste aanwijzingen van Ricardo zit ik al snel in een shuttle bus van Manuel Tienda Leon en krijg ik van het kantoor een 'gratis' transfer naar mijn aangewezen plek. Wat tevens mijn favoriete plek in de stad is: Palermo. 'Mi gusto Palermo'!
 
Ik strijk neer bij Cafe Martinez op de hoek van Av. Del Liberador en de weg van heilige Maria de Oro. Mijn snowboots en mijn 'storm proof' winterjas zijn een overkill in de 21 graden zonovergoten dag. Ze paste echter echt niet meer in de koffer dus er dat niets anders op.
 
Niet veel later komt daar mijn reismaatje-uit-Afrika aangelopen. Hoe grappig is het dat je elkaar gedag zegt met dewoorden 'als ik weer eens in Argentinië ben, spreken we af.' En zie hier: mijn belofte niet gebroken. We lopen richting zijn huis via de Liberador laan. Aan onze rechterkant hebben we hét paardenevenement van Buenos Aires; racetrack en casino. Aan de linkerkant het Poloveld, netjes aangetrappeld omringt met bomen. Grote (VIP) tribunes staan eromheen en alles staat nog mooi groen in het blad. Een zeer groene gedeelte van de stad, al ligt de 6-baans weg ernaast. Nu begrijp ik ook in één keer waar het merk La Martina - Argentina Polo sport - t-shirts vandaan komen..
 
Aangekomen in Ricardo zijn appartement word ik meteen welkom geheten door Philo, Sofia en Afrika. Afrika spurt in een schrikreactie onder het bed en die zie ik de rest van de dag niet meer terug. De 3 katten zijn de trouwe huisgenootjes en zorgen tussen het bijkletsen voor de nodige aandacht. Eerst lunchen aangezien mijn ontbijt bestond uit een Fries chocolade pompebled koekje en dat was het. We nemen buiten plaats bij cafe Centraal. Een super hippe kip tentje met bio broodjes, groenten en fruit. Een anti-oxidant smoothie is hier wel op zijn plek denk ik, na al die uren in de kerosine,- en oliedampen te hebben gezeten. Het is heerlijk weer en we zitten in de schaduw van de bomen. Alhoewel het vanmorgen al 21 graden was, is het inmiddels opgelopen tot 27. Prima voor een normale herfstdag, denk ik zo.
 
We doen nog even snel boodschappen bij de Coto en de Disco en gaan dan thuis even rusten (en Ricardo werken achter zijn
PC) voordat we richting Recoleta gaan. Recoleta is een wijk die vooral bekend is omdat Evita Peron daar is begraven. Naast de begraafplaats is een cultureel centrum waar Ricardo vandaag zijn zanglessen heeft en ik mag mee. Dus hop in de bus, kriskras door de stad, langs de inmense militaire ziekenhuizen en binnen 15 minuten zijn we er.
 
Bij binnenkomst van de zaal krijg ik van verschillende koorleden al een kus. Eentje en alleen op rechter wang. De stembanden worden opgewarmd met de oooo, de aaaa en de mmmm,
Met een clubje van uiteindelijk 12, word er onder begeleiding van de piano gezongen. Iets over Niños en Felicidaad.. Meer kan ik er niet van maken. Een bijles Spaans ipv een vervolg cursus Fries was hier wel op zijn plaats geweest.
Er volgen nog wat nummers en binnen korte tijd weet ik denk ik wel welke personen zonder hoongelach deel zouden kunnen nemen aan 'Argentina got talent'.
 
In mijn Nederlandse tijd is het inmiddels al rond een uur of één in de nacht en ik moet voorkomen dat ik hier zit te knikkebollen. Gelukkig is de les om 21.00 uur afgelopen en gaan we richting huis. Een echte avondmaaltijd hebben we nog niet gehad dus dat maken we nog even. In deze stad hebben ze zo'n ander besef van tijd.. Eten gaat altijd later en word vaak over een bijeenkomst heen getild terwijl wij Hollanders lopen te stressen als we niet om zes uur hebben gegeten. Het is inmiddels nog later. Voor mij al half vier in de nacht. Met de vers gemaakte guacamole en vers gebakken tortilla achter de kiezen, is het nu echt tijd voor bed. Ik ben helemaal op.
 
Hipodrome de Palermo
12 maart
 
Nog even een tukje. Ricardo gaat aan het werk en ik kan me zonder schaamte om acht uur nog eens omdraaien. Nog even bijslapen. Om kwart over 11 ben ik er weer, spring ik onder de douche en is het tijd om dit gedeelte van Palermo te ontdekken.
Argentijnen zijn gek op dulce: zoet. De een na de andere ijssalon staat hier aan de weg en kwijlend kijk ik bij het super strak ingerichte Veikko helados en cafe binnen te loeren. Er is me vanavond een ijsje beloofd, dus ik wacht hier nog maar even mee.
 
Zwarte taxi's met gele daken domineren het straatbeeld. Overschaduwd door de grote platanen die de straten een welkome schaduw geven op deze zonnige herfstdag. Er is overal leven en naast ijs houden Argentijnen van honden. Honden'sitters' zijn dus geen zeldzaamheid. In een kort halfuur al drie gasten gezien die omringt door kleurige lijntjes zo'n 10 tot 15 honden uitlaten. En wat ik bijna vergeten was, schijten op de stoep is hier geen taboe. 'Kijk waar je loopt dus'.
 
Mooie huizen zijn stiekem weggestopt tussen moderne gebouwen. Dit is een wijk voor de gegoede burgerij. Alhoewel ik eergisteren wel realiseerde dat dit absoluut een tweede wereldland is en machtig-rijk en behoorlijk-arm naast elkaar wonen, werken mensen hier hard en hebben smaak. Smaak in auto's, smaak in bouwstijl, smaak in kleding, inrichting (aan de woonwinkels te zien)
 
Een citaat uit de Lonely Planet; Palermo is hemel op aarde voor BA's middenklasse. De grote groene parken, vaak voorzien van een groots monument, zijn populaire bestemmingen in de weekenden voor families. Die wandelend op een van de de schaduwrijke lanen, fietsend op de aparte fietspaden of padelend in een van de meren, hier neerstrijken. Belangrijke musea en elegante ambasadeurs woningen zijn hier ook te vinden. Sommige sub-wijken in Palermo zijn de beste bestemmingen voor winkelen en het nachtleven. 'Ik had het niet beter kunnen verwoorden.'
 
Neergestreken bij de plaatselijke Starbucks op Calle Maure voor een grande latte, observeer ik de mensen; Kindjes gaan allemaal in uniform naar school. Grijze ventjes, donkergrijze broeken of rokken en zwarte sokken. Rijden in de eenrichtingsverkeer straten is een kunst. Het enige wat dat nog overtreft is het parkeren. Wat hier op z'n Frans gaat: jij een beetje naar achter en jij een beetje naar voren en zie daar; de auto past er precies tussen.
Plateauzolen zijn weer in! Voor wie het nog niet wist... Althans volgens de laatste mode in BA. Overal zie ik de rubberen bliksemafleiders. Aan de voeten van de dames, jong en oud, in de vitrines, in de uitverkoop..
 
Later in de middag maak ik nog een wandeling naar de polo-gronden van de stad. Ik neem een kijkje op de renbaan waar een enkele jockey op zijn paart voorbij komt gegaloppeerd. In het grote gebouw van de 'Hippodrome Argentino de Palermo is het een komen en gaan van gasten. Beneden in de kelders is namelijk een groots casino aanwezig. Iets waar ik op het moment mijn geld niet kan achterlaten.
 
Als een brave huisvrouw poets ik een beetje in huis en zorg dat het eten al voorbereid in de oven staat als Ricardo terug komt van zijn werk. Op het balkon met uitzicht over de straten genieten we onze tomatentaart met een paar glazen Malbec uit Mendoza. En zoals beloofd; gaan we als dessert.. ijs eten!
 
Een kleine wandeling naar de drukke straat van Calle Manuel José Baez. Overal hippe tentjes, mooie restaurant, volle zaken, knappe mannen. Ja, over mooie mannen geen klagen hier. Hier snappen ze tenminste dat langer haar gewoon veel stoerder is dan een standaard geknipte korte kop.
We krijgen ieder een kwart kilo ijs. Het is een hele hap maar de smaken... Zijn dan ook om bij weg te kwijlen. Cheesecake framboos, mango, mascarpone, dulce de leche met noten.. Hmmmmm
 
Parque 3 Febrero | Palermo
13 maart
 
'Oke, vandaag geef ik me over.' Ik heb twee dagen in een lange broek gelopen en nu geloof ik het écht. Herfst in Buenos Aires is niet hetzelfde als herfst in Holland of Europa. Het is warm! Herfst is gewoon een hete nazomer met kleine broekjes, korte hempjes en slippers. 'Nou, gelukkig dat dat tussen mijn thermo kleding zit'. 
 
Na mijn pillen voorraad te hebben aangeboord -'Was het de wijn? De hoge temperatuur in de nacht? De airco die we toch maar even hebben aangezet?'- neem ik plaats bij de Starbucks op Maure. Het blijft een verwennerij: goede koffie, magazines die je kan lezen (dat is, als je wel voldoende Spaanse lessen hebt gevolgd), werkende mensen bekijken en het gewone volk observeren. Ik voel me JK Rowling, die ook dagelijks in The Elephant house in Edinburgh haar verhalen zat te schrijven. Zij is er alleen miljonair mee geworden, die kans schat ik voor mezelf een stukje lager in.
 
Verhalen af, research gedaan, jazz plaatje op de achtergrond afgeluisterd, tijd om te gaan. Nadat ik 'thuis' nog een extra pilletje heb genomen en mijn lunch-left-over van gisteren heb verorberd begin ik aan een grote wandeling. Ik ga naar het park vandaag. Lekker in de zon lopen, onder de bomen liggen en mijn fantasie de vrije loop laten gaan over dingen die ik wil schrijven en dat terwijl ik mensen bespioneer die een figuranten rol in mijn boek mogen spelen. Ik trotseer de vele auto's op Liberador om over te steken naar, hoe kan het ook anders; Plaza Holanda. Om het park (in zijn geheel Parque 3 Febrero genoemd) heen word het wandelpad onveilige gemaakt door skeelerende, hardlopende, zwoegende mensen. En er gaat een oudere man voorbij op zijn skeelers, die wel een race met Sven Kramer aan kan gaan. Hard dat hij gaat. De zuid Amerikaanse parken worden optimaal gebruikt en dat vind ik heerlijk om te zien. Families die samenkomen, jonge zoenende stellen onder de bomen, vriendinnen die bijkletsen, kleine kinderen die doodsbang zijn als de ganzen en eenden te dicht bij komen als ze ze aan het voeren zijn.
 
Ik vind het tevens fascinerend om te zien of te bedenken waar de mensen in de 'nieuwe wereld' vandaan komen. De 'standaard' Buenos Aires mensen lijken inderdaad van Europese komaf. De minderheid, zowel in getale als in inkomen, zijn de Bolivianen en Peruvianen. Een duidelijk ander uiterlijk; donkerder gekleurd, grotere hoofden, kleinere vierkante lijfjes en volle neuzen, lippen en wangen. Negroïde mensen zie je hier bijna niet en Aziaten zijn ook zeldzaam alhoewel wel aanwezig (kan ook aan de wijk liggen natuurlijk). Jonge meisjes hebben duidelijk een aanleg voor cellulitis al weerhoud hen dat er niet van om in spandex korte broekjes te lopen. En terwijl obesitas als trend blijkt te zijn aangeslagen, is het schrikbarend om te zien dat er ook veel anorexia dames rondlopen. Dan zijn de Argentijnen al niet zo groot en dan hebben sommige maatje -2. Geschat is hun gewicht rond de 42-44 kilo. Letterlijk skinny-mini. Als ik de oversteek heb gemaakt naar de Buenos Aires Japanese Gardens, verheug ik me op rode ronde bruggetjes, gesnoeide Japanse Bonsai bomen, vijvers, Koi-karpers en dat soort zaken. Niets is minder waar en gedesillusioneerd verlaat ik het park. En dat terwijl mijn gps op mijn telefoon (de kaart van de Lonely Planet is zoooo 2012) toch echt aangeeft dat ik er ben.
 
Mijn (minstens) 10 kilometer lange wandeling zit erop. Ricardo is aan het werk en gaat daarna meteen door naar zijn Franse les. We zien elkaar pas om 21.30 uur. De stedelingen hier hebben echter het voordeel dat ze 18 uur op een dag leven. Ze gaan in de ochtend, normale tijd, gewoon naar hun werk. Zijn klaar rond een uur of 6, acclimatiseren thuis en eten dan rond een uur of 9 á 10 en blijven natafelen tot na middernacht. Ik zit nog steeds in mijn oude tijd. Dus als ik om kwart over 6 thuis kom dan is dat voor mij al kwart over 10 in de avond. Een snelle soja burger met een in elkaar geflanst sausje moet het even doen tot een uur of 10.
 
Ricardo neemt me uit eten op de Calle Manuel José Baez.. De straat waar we gisteren waren. Ik heb het idee dat de mensen al denken dat het weekend is. De terrassen zitten vol, luxe auto's op straat, mooie motoren voor de deur, mensen netjes gekleed. Kortom een feest voor de zintuigen. Als echte Argentijnen hebben we ons diner rond een uur of 11 (dat voelt als vegetarische shoarma na een avond stappen rond een uur of 4 s'nachts..) Als we na twaalven onze 'Poloclub' verlaten, ben ik blij dat ik hier niet in de horeca hoef te werken. De terrassen zijn nog steeds vol want de keukens blijven open tot 02.00 uur...
 
Palermo - Recoleta
14 maart
 
’JK Rowling secundo'. Ik heb mijn ritme gevonden. Opstarten doen we met een koffie bij de Starbucks@Maure, om te schrijven, observeren en te genieten van mijn vrijheid (gezondheid en het feit dat ik geld heb om koffie te kopen).
'Onderdompelen' in een stad of cultuur doe je wat mij betreft het beste vanachter een grote glazen cafépui of terras zodat je het - komen en gaan - van mensen goed in de gaten kan houden.
 
Observatie top 4:
1. Mannen geven elkaar ook één kus als ze elkaar groeten.
2. Nog heel veel mensen roken hier.
3. (Gelukkig) zijn de mannen hier in de trend blijven hangen van een 24 tot 48 uur (stoppel)baardje in plaats van een-wannebe-hippekip-Amsterdamse-cq-Amerikaanse-volle-Birkenstock-met-geitenwollensokken-baard. Ver-schrik-kelijk. (maar dat is persoonlijk)
4. Apple is bijna onbetaalbaar dus iedereen loopt (nog) met een Blackberry of Samsung.
 
Het is officieel herfst: het regent. Dit word geen wandeling naar het oude Palermo maar ik ga decadent op zoek naar een nieuwe zonnebril.. In het tegenoverliggende winkelcentrum hou ik me even zoet met het kijken naar de mooie spullen. Als ik buiten kom regent het helaas nog steeds. De straten zijn, naar het lijkt, gemaakt voor de regenbuien. In de hoeken van de stoep en de straat loopt het water 10cm hoog naar het laagste punt in de wijk. Halverwege de middag ben ik thuis en ik besluit op zijn Spaans maar even een siësta te doen. De poes Filo komt met zijn kopje in mijn uitgestrekte hand liggen.
 
Ricardo stuurt een bericht dat de bussen staken omdat ergens in de provincie een buschauffeur bij een overval is vermoord. De buschauffeurs zijn zo boos dat ze het werk hebben neergelegd. Als pre-verjaardag cadeau heeft mijn gastheer kaartjes gekocht voor een optreden in het cultureel centrum in Recoleta.
In de avond stappen we (het regent nog steeds) in een taxi die ons mooi voor de deur zet. Ricardo heeft als snack tussendoor zijn 'kletskoppen' meegenomen. Op de achterbank van de taxi werkt hij achter elkaar de Hollands meegenomen koekjes achterover. Met de informatie dat ze nogal verslavend zijn heeft hij weinig gedaan en eet het pak dan ook zonder schaamte helemaal leeg.
 
Ik vraag naar wat voor optreden we gaan. 'Is het zang, dans of ballet?' Maar volgens hem is het moeilijk uit te leggen. Op een poster kan ik lezen dat het 'aqua y humo' bevat. Dat 'Fuerza Bruta' anders is dan andere optredens mag duidelijk zijn maar wat ik even later zie, gaat ook mijn fantasie voorbij... Nog nooit zoiets gezien..
 
We worden een zaal ingeleid en moeten in het midden blijven staan. Mannen in zwarte t-shirts geven aanwijzigingen en iedereen volgt die keurig op.
De spots gaan op het podium en daar staan drie mannen en drie vrouwen op de maat van de muziek op grote trommels te staan. Dan moeten we aan de kant gaan staan en komt er midden in de zaal een hele grote loopband op een beweegbaar podium met één hele bekende Argentijnse acteur (?). Hij word neergeschoten en valt neer. Hij staat op - gaat verder metrennen want hij word achternagezeten -rent langs terrassen (want er verschijnen steeds plastic stoelen en tafels op de loopband) - dan word hij weer neergeschoten - hij valt weer neer - staat op en moet door een muur heen springen. Zijn gevecht met zijn onbekende vijand gaat verder. Dan is daar  ineens een grote muur van folie rond het publiek getrokken. Twee dames rennen - horizontaal- over die muur. Ze proberen elkaar te grijpen. We gaan terug naar de lekkere acteur, hij zit in de gevangenis. Een cel op de loopband en moet dan weer vechten tegen tafels en stoelen. Een grote doorzichtige plastic mat komt boven onze hoofden te hangen. Het begint te regenen, de bak loopt vol. Er komt een meisje in het water spelen. Dan komen haar drie vriendinnetjes met haar spelen. Ze rennen door het water en duiken erin. Wij hebben zicht vanaf de onderkant en het is zo vreemd doch zo excentriek en fantastisch in elkaar gezet. Dan komen ze tot de ontdekking dat er meerdere wezens zijn, wij. Ze slaan met geweld op de bodem - vallen hard neer op het oppervlak en sterven dan. Dit en nog veel meer van deze expressieve vorm van dans en kunst passeren de revue. Het is een twee uur durende vorm van 'The sky is the limit'. Letterlijk. Een optreden in 3D.
 
Na afloop laten we ons niet verleiden door één van de luxe restaurants in het design gedeelte van het culturele centrum. We pakken de bus terug naar Palermo en gaan op mijn verzoek nog even wat drinken in 'die ene leuke straat' met restaurants en bars. Er is een biercafé met eigen gebrouwen bier. Het is gezellig druk en we nemen plaats aan de bar van Antares. Grote vaten bier hangen achter de bar. Ricardo gaat voor de honing versie en ik voor de lichtste soort. We scoren er nog wat tortilla chips met geprakte avocado en ander dipgerei bij en gaan helemaal op in de menigte.
 
Voordat we naar huis gaan, moet Ricardo zijn behoefte aan chocolade gestild worden. We wandelen richting Persicco, wat gestemd is als beste ijs van Buenos Aires, en halen een kwart liter ijs op. Weer allerlei aparte smaken vullen het bakje en opgetogen gaan we naar huis; we gaan heel ondeugend op bed het ijs opeten.. Wij (niet het ijs) smelten beide weg bij de knappe hoofdrolspeler van de serie White collar. 'Jammie jammie' vinden we beide; zowel het ijs als Matthew Bomer...
 
Buenos Aires | Ushuaia 
15 maart
 
Nou, dat ging niet helemaal volgens plan .....en het begon met stoel nummer 16b..
'Stoel 16b?! Oh nee, dat kan nooit goed gaan..' En dat gaat het inderdaad ook niet lang.
 
De meneer achter de balie geeft me braaf mijn ticket maar mijn koffer moet van de band. Mijn vlucht gaat namelijk niet van Aeroparque Jorge Newberry maar van Ezeiza oftewel Ministro Pastrani vliegveld. Nu had ik al extra voor een ticket betaald om later in de middag weg te gaan - word dat vervolgens omgeboekt naar een ander tijdstip - krijg ik weken daarna wéér een wijziging zodat ik in de ochtend moet vliegen. Wat natuurlijk net niet de bedoeling was. Is daardoor ook een dagje paardrijden cq een potje Polo bij een collega van Ricardo op zijn buitenverblijf door mijn neus geboord... Sta ik hier ook nog op het verkeerde vliegveld. Of ik naar het busbedrijf wil gaan die me dan wel gratis brengen - daar aangekomen heb ik een stempel nodig - terug naar de informatiebalie voor die stempel - nog tien wachtende voor me - geen stempel - 'blijf hier maar wachten, over anderhalf uur word u opgehaald' - dan maar even koffie... 'Go with the flow' is hier het beste motto want er iets aan veranderen kan ik toch niet.
 
Om half 12 worden 'we' opgehaald. Er zijn natuurlijk drie bussen nodig om dat vliegtuig te vullen. Ik zit in de eerste naast een moeder met klein kind die continu met d'r priemende pootjes in mijn been loopt te porren. Ricardo zeg ik gedag: 'Hasta Luego; we zullen elkaar wederzien'. Een halve km lopen naar de juiste incheck balie - cappu gehaald voor € 3,50 en niet te zuipen - in het vliegtuig klem tussen een hele (hele) dikke grote meneer en een stinkende meneer aan de andere kant (oei, echt heel smerig. Kokhals neigingen, dus continu met trui voor mijn gezicht gezeten) - 2x in slaap gevallen - lunch gekregen van 2 koekjes en wat zoutjes en dan... vliegen we het wolkendek terug onderdoor en zie ik een van de mooiste uitzichten uit de lucht gezien: besneeuwde bergen en meren aan het eind van de wereld.. 'Wauw.' Twee jaar geleden in Ushuaia geweest maar toen met de bus aangekomen en vertrokken en dus niet getrakteerd op dit zicht.
 
Mijn tas komt als een van de eerste aan en ik sta meteen buiten - taxi! Voor zes euro sta ik terug bij mijn hostel Cruz del Sur en ik ben blij! Eind goed al goed ....en blij! Zo leuk om hier weer te zijn. Dit is echt een bijzondere plek voor me. Blij, blij. Ik informeer even naar Pablo (zo heette die rakker die hier werkte) maar Pablo is vertrokken. Waarnaartoe? Geen idee.
 
Ik zet mijn spullen in de kamer en zorg dat ik zo snel mogelijk weer buiten ben. Snel naar de haven want daar is het een drukte van jewelste. Het lijkt een boten-vlaggetjesdag en veel ouders met kinderen lopen op de drukke steiger. Het blijkt het 100-jarige bestaan van Armada Argentina te zijn oftewel Velas LatinaAmerica. Even denk ik 'mijn' boot al te zien maar het is de Ortelius, die ook cruises naar Antarctica maakt. Verder liggen er grote driemasters waar de toegang vandaag gratis is. De zon schijnt en er is een blauwe lucht. Het uitzicht is fantastisch. De temperatuur is lekker.
 
Ik ga voordat ik terug naar het hostel ga, nog even een goede koffie drinken en boodschappen doen bij Le Anonima. Nu zou alles hier duurder moeten zijn omdat het aan het eind van de wereld ligt en de transportkosten doorberekend moeten worden maar een flesje Tia Maria voor € 7,00... Dat is toch wel aantrekkelijk. Ik zit echter weer in mijn 'backpacker modus' en dat betekend: hand op die knip. Niet uiteten maar water en brood.
 
Ushuaia 
16 maart
 
Gisteren op tijd naar bed gegaan want ik kan nog maar moeilijk aan het tijdsverschil wennen. Heb ik anders nooit last van. De kamer deel ik met nog vijf anderen mensen. Een Aziaat uit Perth blijkt net van de Ortelius afgekomen te zijn. Hij had een 'basecamp' reis. Dat betekend dat hij één nacht op het zevende continent heeft geslapen. En, verteld hij; hij heeft een 'polar plunge' gemaakt. De rillingen lopen al over mijn rug bij de gedachte (maar ik sluit niet uit dat ik het niet zou doen.) Het water was volgens hem -0,8 graden omdat zout water niet bevriest bij 0 graden. Het duurde wel een paar uur voordat hij zijn voeten weer voelde. Bij anderen duurde het zelfs bijna een dag.. 12 dagen was hij onderweg en raakte de pinguïns op een gegeven moment wel zat. Ik heb vorig jaar 500.000 zebra's gezien maar zwart-wit is en blijft in mijn ogen tijdloos, dus ik verwacht niet hetzelfde resultaat.
 
Een meisje uit Texas en haar vriendin (die geen boe of bah zei) gingen vandaag aan boord van de Ortelius. 'Nou, voorzover dat ik me speciaal voelde dat ik naar de zuidpool ging..' Het enthousiasme is er een beetje af. Nu blijkt helemaal, dat inderdaad alle leken en plebs deze reis kunnen maken.. Perth-boy zei dat de gemiddelde leeftijd op het schip rond de 44 lag. Er was een meisje van 18 die de jongste was. (hoe kom je op die leeftijd in-hemels-naam aan dat geld??!) Een man van 84 was de oudste. (Die heeft natuurlijk zijn hele leven lang hiervoor gespaard..)
Mustafa, (een Pakistaan die eerst in Engeland woonde maar nu in de VS) de jongen die boven mij slaapt, is ook net geweest. Dat had ik twee jaar geleden dus echt niet.. Dat ik zoveel mensen of überhaupt mensen tegen kwam die zo'n reis maakte. Moet ik er wel bij vertellen dat dit de laatste maand is dat er boten vertrekken en de vorige keer was ik hier eind april. Toen was het Antarctica-seizoen al over. De gemiddelde leeftijd in het hostel ligt nu ook wat hoger.
 
Nadat ik in de morgen mijn sociale bezigheden via de iPad en Phone heb gedaan, krijg ik om kwart over 11 een acute migraine aanval in mijn linkerslaap. Shit! Terug naar bed. Drie pillen, twee en half uur slapen en voorgeschreven medicatie verder wil ik er echt op uit. Dan maar heel rustig. Mijn slaap is beurs van het wrijven en voel me onstabiel bij het lopen. Maar ontspannen door alle drugs en de extreem schone en koude wind werpen hun vruchten af. Al moet ik de ademhaling reguleren, ik voel me een stuk beter. Ik kan tenminste denken, dat is al heel wat. Met een broodje in de hand loop ik rechtstreeks naar de haven. De armada ligt er nog steeds. Ortelius is weg, de kamergenoten dus ook. De Plancius is er nog niet.
 
Volgens een bord vertrekt 90% van alle toeristen die naar de zuidpool gaan vanaf Ushuaia. Vanaf hier is het namelijk maar 1000 km. In vergelijking: Punta Arenas, Chili: 1188 km. Stewart eiland, Nieuw Zeeland: 2200 km. Hobart, Tasmanië: 2600 km. Kaapstad (of hier Ciudad del Cabo genoemd), Zuid Afrika: 4200 km. 'Ok, dat voelt een stuk beter. Ik wil graag wel eens de uitzondering op de regel zijn maar dit is nu eenmaal de poort naar het ijs. De kans dat je mensen tegenkomt die naar Friesland reizen is ook vele malen groter op het Centraal Station in Zwolle dan ergens anders in NL. Ik ben een beetje gerust gesteld. Ik sta gewoon op het station van de NS, maar dan anders. Het is nog steeds speciaal.
 
Ik loop langs de watergrens. Al is het weer niet zo mooi als gisteren, af ten toe weerkaatst de sneeuw op de bergen het zonlicht. Scandinavische houten huizen kijken over de binnenbaai over verschillende zeilboten. Ik ga ontspannen bij Tante Sara een koffie drinken. Op de eerste etage maak ik het mezelf zo makkelijk mogelijk en ik zit nog heerlijk als de zon gaat schijnen. 'Nu moet ik wel naar buiten.. Chips.. En ik zit zo lekker..' Maar ja, ben hier niet voor niets natuurlijk en daarbij de foto's.. Heel belangrijk die foto's. Die zijn simpel gezegd vele malen beter als de zon schijnt. Ik loop richting de marine haven aan de linkerkant van de stad. De wind is toegenomen en ik krijg wat regenspetters in mijn gezicht.
Ik mag niet klagen, gisteren was het mooi, net zon gehad en de besneeuwde bergen rondom de baai blijven op elk moment van de dag bijzonder om naar te kijken.
 
Ik neem bij terugkomst in het hostel plaats in de woonkamer. Hier lijkt het meer op een bibliotheek want het is muisstil. Ik ben lekker aan 'werk' als er een jongen komt praten met mijn Japanse buurman. Hij vraagt of ik Nederlands ben. 'Hoe weet je dat?', vraag ik. 'Je Nederlandse boek van de ANWB', alleen in de Nederlandse taal word Argentinië met een ë geschreven.' Uiteindelijk zitten Ton en ik 3,5 uur later nog steeds te kletsen en komen tot de ontdekking dat het al 10 over 10 is. 'Ik moet mijn avondeten nog maken!', zeg ik van schrik. We besluiten boven een broodje en een bakje kaas dat we morgen richting het Parque National van Vuurland oftewel Tierra del Fuego gaan. Twee jaar geleden wilde ik daar zo graag naartoe en nu kan ik eindelijk.
 
Parque National 'Teirra del Feugo'
17 maart
 
Om half 9 zit ik aan het ontbijt met Ton uit Brabant, zijn kamergenoot mr. Grappige Japanner en Po, de eerste Chinees die ik ben tegen gekomen tijdens mijn reisavonturen, uit Hong Kong. In eerste instantie wist ik niet dat Po Chinees was en vond het al gek dat de twee Aziaten Engels met elkaar spraken. Mr. Grappige Japanner is een beetje chaotisch en in zijn non-verbale communicatie ook wel echt een Aziaat die niet goed uit zijn woorden kan komen. Als we vragen wat hij voor werk doet blijkt hij een 'nuclear physicists' te zijn... 'Whaattt? Deze jongen? Verklaart misschien wel zijn wazige gedrag. Zijn niet alle onderzoekers een beetje 'loco'?
 
Ton, Po en ik gaan naar het national park. We kiezen de langste route uit van 8 km. Het Texaanse kamergenootje had al gewaarschuwd dat je makkelijk kan verdwalen en dat het meer verticaal dan horizontaal ging maar ook hier geld: no pain no gain. Gewoon doen dus. We lopen naar het busstation, kopen een retour kaartje en wachten in de bus. Als Po een kaartje bij een andere maatschappij blijkt te hebben gekocht begint ze in haar beste en meest volledige Spaans tegen de chauffeur.. Ton en ik kijken elkaar stomverbaasd aan. Dit kleine Chineesje.. Spreekt gewoon vloeiend Spaans. Niet dat ze dat niet zou kunnen maar Po heeft het meest schattige snoetje, is tinytynie popperig en klein en 'doet dat even'. Fantastisch; Go Po!
 
In de bus naar het park verteld Ton een beetje over zijn familie. Zijn zus is in april drie jaar geleden bij een auto-ongeluk rond Breda om het leven gekomen. Hij verteld het zonder toonbare emotie maar ik weet dat het van binnen hartverscheurend moet zijn. Ik zit met tranen in mijn ogen. Wat erg voor die familie. Een van de ergste dingen die je kan overkomen als ouder zijnde. Ik ga toch niet huilen naast een 'vreemde' die verteld over zijn overleden zus.. Maar van binnen breek ik... Echt heel verdrietig. Goed van hem dat hij toch gaat reizen en dat hij verder gaat met zijn leven.
 
We komen aan in het park en we kunnen een immense pinguïn stempel in ons paspoort laten zetten. Dat is, als je je paspoort hebt meegenomen.. Not.
De wandeling is adembenemend, verschrikkelijk mooi. We lopen door het bos, langs de waterkant en zien besneeuwde bergtoppen aan de overzijde. Een paar vogels komen af ten toe hun lied zingen maar helaas kan ik geen grote ijsvogel onderscheiden. Verdwalen doen we niet maar veel bijna verticalen stukken zijn er wel. Het is een aardige klim en ik ben blij met mijn baantje, waar een trap bij de werkvoorwaarde is inbegrepen. Een betere training op het lopen in nationale parken, had ik niet kunnen krijgen. Uiteindelijk, na 2,5 uur ipv de voorgeschreven 3 uur, komen we aan bij een teken van leven. We willen niet binnen zitten om onze meegenomen broodjes op te eten. De zon schijnt, het uitzicht is wederom ge-wel-dig en de grond is droog. We snoepen de lunch op, krijgen een dessert in de vorm van een Milkareep met dulce de leche van Po en gaan verder.
 
Bussen naar de bewoonde wereld gaan van verschillende plekken maar vanuit onze route moeten we hiervoor nog een kilometer lopen. In het gras zie ik plots een hond-achtige liggen. Het is geen hond! Het is een vosje! Met een mooie rode vacht en een grote pluimstaart. Hij is al bekend met mensen en hun fotografie-gedrag dus hij kijkt om maar blijft lekker liggen. Gevaarlijk zijn ze naar mijn weten ook niet en daarbij zijn ze niet zo groot. Niet dat dat laatste uitmaakt want je kan ook door een minuscule bacterie om zeep worden geholpen maar toch. Een wolf van hoger dan een meter zou me wel de kriebels geven. Verder lopend komen we nog twee vosjes tegen. Ze inderdaad zo bekend met mensen dat er één tegen de auto aan gaat staan. Een dame stapt uit en geeft de hond, niet gelogen: een snoepje.. Echt waar: een snoepje! Enserio.. Hoe achterlijk ben je wel niet als je 'een hond een snoepje geeft'. Ja, als dit de generatie is die de wereld van de ondergang moet gaan redden, dan zie ik het toch treurig in. 'Een snoepje! Geef dat beest dan ook meteen een fluoride pilletje en een tandenborstel. Lomp wicht.'
 
We hebben de bus gemist en moeten nog twee uur wachten op de volgende maar dan komt onze zwaaiende chauffeur toch nog langsgereden. Ton en ik stappen in maar Po wil nog even blijven wandelen. We slaan de 'Fin del mundo train' over want ons uitzicht vandaag was al zo mooi.
 
In Ushuaia aangekomen gaan we bij X-presso een verdiende koffie drinken. Ton komt een bekend stel tegen; Rebecca en Remi uit Zweden. Ze komen bij ons op de gemakkelijke bank zitten en blijven daar de eerste twee uur hangen. We spreken af om in de avond bij hen in het hostel bier te komen drinken. De vier Fransen in mijn kamer maken er toch een 'teringbende' van en zeggen geen boe of bah dus daar heb ik ook weinig te zoeken: mamihlapinatapai*. Dus: bier en chips halen en in de avond naar hostel 'Patagonia pais'. Hier maken we ook kennis met Franse Pierre die Ton ook al kent uit Rio Gallegos. Ze maken een plan voor de 'W' of 'O' in Torres del Paine, Chili te lopen maar definitief word het nog niet. Beide gaar van het wandelen en het bier dat er in hakt, zijn we voor middernacht weer terug in ons eigen hostel en besluiten morgen naar 'Lago Esmeralda' te lopen.
 
*Het Guinness Book of Records vermeldt een uitdrukking uit de op de Vuurland gesproken taal Yahgan: mamihlapinatapai, een van de moeilijkste woorden om te vertalen. De betekenis is 'de blik die wordt uitgewisseld door twee mensen die geen initiatief willen of durven nemen om iets aan te bieden, maar wel hopen dat de ander dat doet'.
 
Lago Esmaralda
18 maart
 
Na het ontbijt nemen Ton en ik, de iPad en pen en papier ten hand om informatie over te dragen. Mijn rondreis(verhalen) in zuid Amerika 2 jaar geleden bevatten een schat aan informatie. Persoonlijk zou ik ook heel blij zijn geweest met iemand die me precies kon vertellen waar en welke bussen ik kon nemen, waar te slapen en wat te zien. Gelukkig kan ik deze persoonlijke VVV voor iemand zijn.
 
De Fransen in mijn kamer zijn gelukkig opgekrast en hebben voor 'het ongemak' 50 peso's voor me onder het bed achtergelaten. 'Ik vond ze in één keer een stuk leuker'. Met ruimte om me heen kan ik mijn spullen een beetje ordenen voordat Remi en Rebecca ons komen ophalen om 11 uur. Helaas verschijnt alleen Remi, Rebecca is een beetje ziek. Pierre vertelde ons gisteren dat hij naar Lake Esmeralda of Lago Esmeralda is gelift. We zijn alledrie een beetje gierig en vinden dit eigenlijk wel een goed plan: liften. Als ook blijkt dat de taxi 300 peso's kost (€ 30) en de bus pas over twee uur vertrekt wagen we het erop.
 
Al lopende richting 'Los Lobos' waar het meer zich bevind, steken we de duimpjes omhoog - zijdelings en schuin. Eerlijk gezegd weten we niet precies wat de 'regels' van liften hier zijn. Namelijk niet overal lift je met je duim omhoog. Op het moment dat we denken dat niemand drie backpackers tegelijk wil meenemen, stopt er een auto met een dame achter het stuur. We leggen in ons beste Spaans uit waar we naartoe willen. Als we denken dan we het park allllaaaaang zijn voorbij gereden, slaat onze 'angel' af. Hier moet het ergens zijn, zegt ze. Ze probeert haar gps op haar telefoon nog maar dat werkt niet. We zeggen dat het wel lukt en bedanken haar nogmaals. Onze 'angel' draait de auto en rijd terug waar we vandaan kwamen. 'Zou ze nu echt voor ons zijn doorgereden om ons op de goede plek af te zetten?!'
 
We weten bij god niet waar we zijn aangekomen, hoe verder te lopen en de Lonely Planet zuid Amerika laat ons hier ook in de steek. Geen verhaal of kaart van Lago Esmeralda. Dan komt er een rode jeep aangereden met een iets oudere man en een jonge knul erin. Nogmaals in het beste Spaans proberen we de weg te vragen. Hij wijst ons die en op goed geluk lopen we de weg af. Militairen, bomberos (brandweer mannen) komen uit het bos gelopen. Ze hebben een oefening. 'Lago esmeralda?' Roepen we. Ze wuiven dat we verder moeten lopen. We komen blauwe bordjes en paaltjes tegen en dan uiteindelijk het verlossende bordje: 'Lago Esmaralda, die kant op'.
 
Vol vertrouwen lopen we verder en lopen vervolgens één van de mooiste plekken op dit 'einde van de wereld' binnen. Wauw! Waanzinnig! Ik mis de pre-historische dieren die hier vast hebben rondgelopen. Het springen van steen naar steen op het strand toen we vijf waren, heeft een bedoeling gehad: trainin, nameijk om jezelf in de toekomst, in de grootste blubberzooi naar de andere kant te brengen zonder de schoenen al te vies te laten worden. Na een paar jaar heb ik eindelijk mijn snowboots gekocht die ik al lang wilde hebben. Ze zijn warm (tot -32 graden) en waterproef. De reden ervan was natuurlijk: warme voeten in de sneeuw maar aangezien we dankzij onze vervuiling het broeikaseffect hebben geoptimaliseerd, hebben we geen sneeuw meer. Dus: zuidpool. En naar nu blijkt: wandelingen door modderige bospaden en een zompige ondergrond.
 
Als we het bos uit zijn gelopen lopen we een grote gele gras vlakte op waar her en der kleine heldere meertjes liggen. De grond beweegt mee en is helemaal volgezogen met water. Het lijkt een grote mestbak van fijngestampte paardenpoep maar volgens mij is het turf. Als ik wat tussen mijn vingers samen wrijf is het inderdaad geen grond of zand maar een mix van organisch materiaal. Hoop dat ze dit nooit gaan afsteken want anders is dit unieke uitzicht verdwenen. Als springend van steen naar steen, van droge naar natte plek en van graspol naar waterrand ontluikt zich hét beste fotolandschap. 'Zijn we nog wel op dezelfde planeet aarde?' De beek kabbelt rustig verder met helder water. Gras, groen en geel en een 'bos' van middelgrote bonsai boompjes. 'Ja, dit is het!' Zo mooi.
 
Als we de laatste twee bergen overklimmen is daar eindelijk: Lago Esmeralda. Een licht blauw-groen meer dat is omringt door stenen bergen met besneeuwde toppen. Het uitzicht is mooi maar de weg er naartoe was zoniet mooier. We willen even chillen op de grote rotsblokken om van het uitzicht te genieten maar een peloton aan para-muggen verpest dat. Een beetje jammer. Niet getreurd, we gaan gewoon meteen weer terug door het Vuurlandse landschap en verheugen ons op onze kinderlijke sprongen en evenwicht oefeningen op de stenen langs de stromende beek. Terug gekomen in de bewoonde wereld - van een 'cafetaria' en een waterrad begint de derde gang van ons avontuur:' liftend terug komen naar Ushuaia. Het is zeker 30 km terug lopen en daar willen we niet aan. Auto's komen hier niet zoveel langs gereden en ons gehoor verteld dan ook wanneer we met onze grootste glimlach aan de weg moeten staan.
 
Dan komt 'onze' rode jeep over het pad aangereden, op weg terug naar de stad. En de oudere meneer en jongeman maken graag voor ons de achterbak geordend zodat de achterbank terug kan worden geklapt. Nog geen 4 minuten verder en we zitten. Een andere jongen die ons op het laatste stuk van het bos had ingehaald staat een stuk verder te liften. Hij stond er al voordat wij er waren en nu hebben we zijn lift ingepikt: sorry! 'Als ik je ooit nog een keer tegenkom: sorry! (Maar je kon er echt niet meer bij)'
 
In de avond gaan we met Rebecca erbij nog even uiteten. Onze wegen scheiden morgen. Ton gaat naar Punta Arenas en dan door naar Punta Natales. Remi en Rebecca vliegen overmorgen naar Buenos Aires en vervolgen hun reis over twee weken in Azië. De Plancius, mijn boot, heb ik nog niet zien liggen maar die zal er morgen wel zijn. De club gaat allemaal voor echte rode Argentijnse steak en ik voor een salade. Mijn gevonden 50 peso's dienen om voor iedereen de frites te betalen. 'Zo gewonnen zo geronnen'. Ik heb geleerd dat je 'gekregen' geld altijd moet delen met anderen anders komt er toch niets goed van. Hopelijk zien we elkaar nog eens.
 
Ushuaia | Plancius
19 maart
 
'Ja, mijn boot is er!' Ik loop om half 10 de steile heuvel af en heb recht zicht op de haven. De 'Plancius' prijkt er op de voorboeg. Blauw met wit is de boot, moeilijk te missen. Ik heb nog even. Ik kan pas boarden tussen 4 en 5 van vanmiddag. Eerst maar eens even die zonnebril scoren waar ik al een week op zoek naar ben. En nieuw stukken katoen aangezien sommige producten van de Zeeman echt niet zijn gemaakt voor een échte zeevrouw. Voor het eerst is het weer wat slechter. Het waait hard en het stof van die straten wordt hard in mijn gezicht gesmeten. De staking die al vijf dagen (minimaal) gaande is, heeft grotere vormen aangenomen.
 
Nadat ik bij Patagonia Extrema alle 120 brillen op mijn neus heb gehad, ga ik (uiteraard) voor één van de eerste die ik vast heb gehad. 'Oribital', nog nooit van gehoord. Wel 400UV filter, wat dat ook mogen zijn, in vergelijking met 600 of 200. Als ik naar buiten stap blijkt dat ik beter een regenjas had kunnen kopen, want de zon is verdwenen en de druppels vallen uit de hemel. Bij het hostel ga ik mijn koffer ophalen en ga schrijven en koffie drinken bij X-presso. Net zo lang totdat ik het vaste land moet verlaten en mag boarden op mijn thuis voor anderhalve maand..
 
Dat was het weer Zuid Amerika en Ushuaia. Ben zo blij dat ik hier nog een keer mocht terugkomen! Maar het is tijd om verder te gaan..
The ultimate destination: South Pole!
 
- Lees verder bij Atlantic Odyssey-